is toegevoegd aan je favorieten.

De wettigheid van het voorstel Van Ronkel, toegelicht ten behoeve der Vaderlandsche Kerk

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Men moet hier wel onderscheiden. Iemand tijdelijk de uitoefening van zijn ambt ontzeggen is gansch iets anders dan hem uit zijn ambt ontzetten. Dat zeer groot verschil moet wel in aanmerking genomen bij de vraag, of de Kerkeraad naar de Wet de bevoegdheid heeft, om te handelen, gelijk het voorstel van Konkel raadt. Laat men toch wel onderscheiden. In dit voorstel is er. geen spraak van, om aan de moderne predikanten te dezer stede hun radikaal zelf in het algemeen te ontnemen, dat kan de Kerkeraad niet; maar om hun de gelegenheid aftesnijden, om dat radikaal uitteoefenen, en dat kan de Kerkeraad, die zelf de gelegenheid heeft gegeven, voorzeker wel. Er is groot verschil tusschenhet ambtendeszelfs bediening.

De predikanten ontvangen hun radikaal of bevoegdheid ter uitoefening der bediening van de kerk, vertegenwoordigd door de Provinciale Kerkbesturen; de gelegenheid evenwel om hun radikaal uit te oefenen van de plaatselijke Gremeente. Voor deze stelling is er meer dan één bewijs:

1°. dat een Cand. tot den heiligen dienst, zelfs als hulpprediker, hoewel hij het radikaal bezit, evenwel de Sacramenten niet mag bedienen, voordat hy in eene plaatselijke Gremeente als Herder en Leeraar is beroepen en bevestigd. Indien Dr. Vos deze eenvoudige waarheid bedacht had, zoude hij gewis niet, op zoo beslisten toon van gezach, geproclameerd hebben: „wie het predikambt uitoefenen mag,