Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

niet ten eenenmale vreemd, dan is ons ook die stemming niet onverklaarbaar, en indien we vroeger of later in meerdere of mindere mate iets van die vrucht in onze Godsdienstige zamenkojnsten aan deze plaats hebben mogen genieten, dan zijn we nog ten volle geneigd om te zeggen, al wacht ons ginds ook een ruimer en sierlijker huis des gebeds: »indien uw aangezigt niet medegaat Heere, doe van hier ons niet optrekken."

Of hebben we 't hier niet geleerd, dat Gods tegenwoordigheid alles overtreft en tot alles ons in staat stelt ?

Herinner u dan, gel. Gemeente, den zegen des Heeren, dien ge hier in zoo ruime mate hebt mogen genieten. Wat voorspoed, dien de Heere u niet gaf, en wat uitbreiding tot een talrijke menigte was niet uw deel. 't Is waar, gij weet ook van moeiten te spreken, waarmede gij hadt te worstelen, gij kunt spreken van talrijke offers, die 't u gekost heeft om onder alles staande te blijven, maar die moeiten, zij waren immers niet te groot, en die offers, zij wogen immers niet op tegen den rijken zegen, dien God zelf daarop gaf. O, als God maar met zijne zalige nabijheid tegenwoordig was, alles was gemakkelijk en ligt, iedere moeite ras overwonnen en elk offer met blijdschap gebragt. En wat zegen genoot gij onder alles niet voor uwe ziel; herinnert het u. ffii

'DJ)

die eertijds dood waart in de zonde, maar door Gods genade hier het leven, dat uit God is, leerdet* kennen en dat in uwe ziele uitgestort werd; die hier het eerst met een heilbegeerig hart tot uwen troost mogt hooren, dat er ook voor u nog aan vergeving van zonde en schuld niet behoefde gewanhoopt te worden:

Sluiten