Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Majesteit zoowel in onze binnenkameren geëerbiedigd moet worden als in het openbaar. Hij, die een goed denkbeeld van de Koninklijke waardigheid heeft, zal in Zr. M'. afwezendheid niet anders en vooral niet meer spreken, dan hij in Zr. M'. aangezigt zou durven zeggen.

Na deze voorafgaande opmerkingen geef ik het volgende stukje over aan de ernstige betrachting van alle inwoners van Nederland, met het oog op God, Die mij zag en kende, toen ik schreef, maar Die ook een ieder ziet en kent, wanneer hij leest. De uitkomst van dezen mijnen arbeid geef ik vertrouwend in Zijne handen. Wvit ook de gevoelens en werkzaamheden der menschen in betrekking tot dit getuigenis zijn mogen, ik weet en ben verzekerd, dat de Heere den arbeid der liefde van Zijne dienaren zegenen zal met Zijne almagtige goedkeuring. Ik heb daarenboven ten aanzien van deze aarde nog Zijn Woord: «die eenen mensch bestraft, zal achterna gunst vinden, meer dan die met de tong vleit.» Spr. XXVIII: 23.

Sluiten