is toegevoegd aan uw favorieten.

Christendom en cultuur

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

stoffelijke wereld als door God geschapen en van zijn Geest doorademd beschouwt? Zoo levert het Christendom aan de cultuur haar stof, haar schema's, en bovenal hare bezieling, zonder welke ten slotte elke cultuurarbeid door de overmacht der brute natuur wordt verlamd.

Het is daarom niet mogelijk zonder meer de cultuur tegenover het Christendom te stellen. De cultuur vormt geene eenheid. Het woord cultuur eischt een bepalend bijvoeglijk naamwoord nevens zich. Welke cultuur bedoelt gij ? De klassieke of de moderne? De heidensche of de Christelijke? De oostersche of de westersche? En deze laatste in hare Germaansche of Romaansche gestalte? Wij hebben te doen niet met eene vaste grootheid, maar met een zeer samengesteld verschijnsel, dat niet als eene eenheid kan worden beschouwd. Voor welke cultuur voert men nu het pleit als men haar tegenover het Christendom stelt ? Zal Eucken met HaCKEL instemmen als deze schrijft: „het Christendom toont zich dus ook op praktisch gebied vijandig aan de cultuur; de strijd, dien de moderne beschaving en wetenschap gedwongen zijn daartegen te voeren, is ook in dezen zin een cultuurstrijd"?1) Zullen allen, die in het socialisme ook voor de cultuur heil zien, het geloof als „eene purper-bedwelmende bloem" verachten, zooals Mevr. Roland Holst doet? Hier gapen de tegenstellingen, die wij reeds vroeger aanwezen. Er is eene cultuur, waar het individu, en eene, waar de gemeenschap op den voorgrond staat, en de aristocratische, geestelijke ontwikkeling der enkelen strijdt met den maatschappelijken, democratischen vooruitgang der velen. Is Göthe uw ideaal of Edison? nletzsche of Marx? Houdt gij het met novalis, die in zijne opstandingshymne het einde aller dingen bereikt ziet, en jubelt:

„Die Liebe ist frei gegeben (Jnd keine Trenning mehr.

Es wogt das volle Leben Wie ein unendlich Meer.

Nur eine Nacht der Wonne Ein ewiges Gedicht,

Und unser aller Sonne Ist Gottes Angesicht".

') E. Hackel, Die Weltratsel, Volksausg. s. 139 f.