is toegevoegd aan uw favorieten.

Antwoord aan den Heer C. Broere, R.C. Priester en Hoogleeraar aan het Seminarie te Warmond

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

opgevat in uwen geest — het ter hand genomen, dan zou de lezing onder onze protestantsche landgenooten zich tot een bitter kleinen kring beperkt hebben. Want wat moeite gij u ook geeft, om het petitionnement als louter met handteekeningen van het gepeupel voorzien voor te stellen, gij moet dit zelf wel beter weten. Het personeel, waaruit de Commissie, die Ds. ter haak verzelde, was zamengesteld, is alleen reeds voldoende tot bewijs voor het tegendeel. Een edele v. koetsveld en een paar andere Predikanten, wier getal zich, meen ik, gezamenlijk tot drie bepaalt, maken eene uitzondering. Maar hebt gij de woorden van den eersten naar hunne oorspronkelijke meening in uwe Brochure opgenomen, dan zal Z.E. moeite hebben om zich vrijtepleiten van laster. Eene zoo waardige, edele en rustige houding als die van de honderdduizenden Protestanten, onderteekenaars der adressen tegen beëedigde handlangers eener vervolgzieke kerk te beantwoorden, met den kreet; »Gaat uit van ons, gij mannen des bloeds!" welk een wederantwoord moet dit op zijne beurt ontvangen? Wij hooren in zulke" taal de stem, niet van josua en caleb, maar van het geslacht dat om zijn wereldzin tot den heiligen strijd ongeschikt, vooraf moest uitsterven in de woestijn van Paran. Zulke Protestanten zijn op ééne lijn te stellen met de Eoomschgezinden, waarvan gij meldt, dat zij »weenend" geteekend hebben op onze adressen, uit vrees van door een onmenschelijken huisheer te zullen worden op straat gezet. Het geloof der Madiai's, door den Bijbel gekweekt, was van eene andere gehalte, dan hetgeen uwe kerk in soortgelijke weenende leden heeft geplant. Het wist een wreeden kerkerdwang te verduren en her-