Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

schrijft : „nu-en-dan-opdoemend" en tracht, daar hieruit ieder zich zelf kan vinden en anderen niet zullen nalaten hierin te zoeken wie zij willen, zoodoende toch de lieele beweging te dupeeren, te bekladden.

Merkwaardig zou het ook zijn te vernemen, wie dan toch op pag. 76 der Bilderdijk-rede met dat „belijder/1 bedoeld zijn. De schrijver dezer regelen kan dat alleen, ondanks dr. Kuyper's handige voorwending niet zijn. „Ons Tijdschrift" ook niet, want immers: dit sloeg, volgens den ex-premier zelve, er zonder sparen vonnis over?

Dat „zonder sparen vonnis slaan" is ook 'n pracht van een dubieuze uitdrukking, waaruit ieder het zijne halen kan. Dr. Kuyper is daar sterk in.

Immers zonder sparen een vonnis slaan kan ook zijn: vrij spreken, gunstig er af komen, vrij-uit gaan van voor de rechtbank ; want 'n vrijsprekend vonnis is óók een vonnis en zonder sparen. Wie nu dr. v. d. Yalk's artikel las, zal zijn eigen opinie in deze wel gereed hebben.

Prachtigst voorbeeld echter, van hoe dr. Kuyper met een bepaalde intentie z'n woorden wikt en weegt en zorgvuldig kiest, bergt „De Standaard" van 12 Nov. 1006. In het hoofdartikel heet het: Haast zoudt ge het niet gelooven, maar de studie van J. Postmus (er is sprake van het Bilderdijk-Gedenkboek) over Bilderdijk is zelfs in de Ned. Spectator met hooge waardeering gerecenseerd."

Allereerst schuilt in dezen zin een misleiding.

In de „Ned. Spectator" werd 's heeren J. Postmus' „Calvinistische Vertoogen" besproken, terwijl hier, in het hoofdartikel, sprake is van het „Bilderdijk-Gedenkboek" (excusez du peu).

Maar let nu, afgezien van het vorige, eens op de leuke aanhef: „Haast zoudt ge het niet gelooven" etc., welke natuurlijk voor tweeërlei uitleg vatbaar is. De eene luidt: de heer Postmus levert over 't algemeen werk van zoodanige qualiteit, dat ge haast niet gelooven zoudt dat daarover nog waardeering geuit kan worden. De andere is natuurlijk: een trapje wordt hier gegeven naar den paganistischen hoek, als zou deze betoonen niet in staat te zijn goed werk onzerzijds, te waardeeren en 't daarom permanent neerhaalt. *)

*) Dr. Kuyper heeft mij geprovoceerd tot liet mededeelen van wat iii normale omstandigheden niet gepubliceerd mag worden.

Luister wat hij zegt:

„In mijn academie-jaren placht de student, die het hooghartigst op de

Sluiten