is toegevoegd aan uw favorieten.

Geleerdheid en wetenschap

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

En niet alleen namen zij dit hooge standpunt tegenover het gewone volk in, maar zij spreidden dit gezag ook voor hunne leerlingen ten toon. De meester was een vader, de leerling was zijn zoon, ja de verhouding tusschen leerling en meester ging die tusschen zoon en vader in onderdanigheid en eerbied nog ver te boven. Want de vader gaf aan den zoon slechts het aardsche bestaan, de meester geeft aan den leerling het hoogere leven, het leven des geestes. Daarom moeten de leerlingen hun meesters de grootste achting bewijzen, eene achting, welke die voor den vader te boven gaat en grenst aan den eerbied voor God. Gezag en gehoorzaamheid waren de twee zuilen, waarop al het onderwijs in vroeger tijd gebouwd was.

Door deze verhouding werd ook de vorm van het onderwijs bepaald. Wel is waar, bestaat er te dezen opzichte in de scholen van Indiërs en Perzen, Grieken en Romeinen, Joden en Mohammedanen, Koomsche en Protestantsche scholastici verschil en behoort men dus voor de fout van het generalizeeren op zijne hoede te zijn ; maar toch is er één karaktertrek, welken zij alle gemeen hebben. Studeeren is in de eerste plaats een werk van het geheugen. De meester put zijne wijsheid uit de traditie, uit de boeken. Voor de Middeleeuwsclie beoefenaars der wetenschap was alle wijsheid in de Schrift en de Kerkvaders, in Aristoteles, Euclides en Hippocrates vervat. Wat de onderwijzer heeft te doen, bestaat hoofdzakelijk in verklaring, ontwikkeling, uitbreiding, toepassing van een gegeven tekst. Maar deze tekst werd met groote vrijheid behandeld. Wat er niet bij logische redeneering uit volgde, werd er door allegorische exegese, door de onderstelling van een vierderlei zin, door willekeurige combinatie, door gebruikmaking van spitsvondige regels uit te voorschijn gehaald. Op die wijze vond de leeraar voedsel voor zijne scherpzinnigheid en altijd nieuwe stof voor zijn onderwijs. Al naar gelang den inhoud van den tekst en de geestesrichting van den leeraar ging de wetenschap in lialacha en liaggada, in scholastiek en mystiek, in orthodoxie en pietisme uiteen; twee stroomen, die ontsprongen uit ééne bron. Altijd werd de in den tekst opgesloten waarheid beschouwd en behandeld als eene rechtsuit-