is toegevoegd aan uw favorieten.

Modernisme en orthodoxie

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zoolang de geschiedenis ons eene eindelooze reeks van feiten voorlegt, die op verklaring wachten, en zoolang de godsdienst, die in en van het mysterie leeft, zijn recht van bestaan behoudt. Opmerkelijk is dan ook, dat in verband met de wijziging in de heerschende wereldbeschouwing niet alleen de religie is herleefd 80), maar ook alle begrippen van openbaring, wonder, wedergeboorte enz. opnieuw aan de orde zijn gesteld 31). Het is er verre van daan, dat ze steeds in Christelijken geest worden opgevat, maar hun terugkeer is toch een sterk bewijs, dat zij met den godsdienst, en bij name met den Christelijken godsdienst ten innigste samenhangen. En dit verwondert niemand, die over zijn wezen nadenkt. Want als de godsdienst niet een bloot psychisch verschijnsel is, doch inhaerent is aan de menschelijke natuur S3), recht van bestaan heeft en waarheid is, dan sluit hij in, dat God persoonlijk bestaat, dat Hij zich openbaart, dat Hij gekend en gediend kan worden; meer nog, dan ligt er in opgesloten, dat God persoonlijk tot mij in relatie treden en met mij gemeenschap oefenen kan, en dat ik onvoorwaardelijk, ten allen tijde, in nood en dood op Hem vertrouwen en mijn lot voor tijd en eeuwigheid in zijne handen leggen mag. Ik beweer niet, dat deze diepe en rijke idee der religie in alle godsdiensten voorkomt; wij hebben ze juist aan het Evangelie van Christus te danken; maar ieder godsdienstig mensch zal ze toch beamen, en erkennen, dat dat de waarheid en tegelijk de waarde van den godsdienst is. Maar dan geeft deze zelfde godsdienst ons ook het recht en legt hij ons den plicht op, om elke wereldbeschouwing te weerstaan, die voor hem geene plaats laat. Want evengoed als in de wetenschap, de kunst, de zedelijke verschijnselen enz. hebben wij dan in den godsdienst met een stuk werkelijkheid te doen, dat in ieder wereldbeeld op volle, onpartijdige erkenning aanspraak maakt. En welke werkelijkheid openbaart zich hier dan! Wij willen niets afdingen op de belangrijkheid van de ontdekkingen der wetenschap of de uitvindingen der techniek, maar zij halen toch niet in beteekenis bij den godsdienst, die als gemeenschap met God de troost en de vrede der ziel is. In dien geest zeide Prof. Titius op het congres van vrijzinnigen te Berlijn, sprekende over de spanning tusschen