is toegevoegd aan uw favorieten.

Modernisme en orthodoxie

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

openbaring in de Schrift is gebouwd, en dat het Calvinisme, gelijk het in de vorige eeuw herleefde, niet naar een enkel werk, maar in zijn geheel beoordeeld en met de leer van den Hervormer van Genève vergeleken dient te worden. Op dit onpartijdige standpunt zich plaatsende, zou men al spoedig de verrassende ontdekking opdoen, dat de beweerde tegenstrijdigheid niet tusschen de Schrift en de hedendaagsche theologie, en niet tusschen het Oude en het Nieuwe Calvinisme bestaat, maar dat ze in de Schrift zelve voorkomt en aangetroffen wordt bij eiken theoloog. Ik ontken daarmede niet, dat zij in den tegenwoordigen tijd om de bovengenoemde redenen een meer acuten vorm heeft aangenomen; ons wereldbeeld heeft inderdaad eene belangrijke wijziging ondergaan en onze kennis van het verband van oorzaak en gevolg is in natuur en historie aanmerkelijk uitgebreid. Maar principiëel heeft de quaestie altijd bestaan en komt zij hierop neer: hoe is het mogelijk, dat die God, welken de wetenschap doet kennen, en die God, dien de religie behoeft, één en dezelfde God is? Hoe kan het oneindige, eeuwige wezen, dat de kracht is in alle kracht en het leven van alle leven, tegelijk de liefderijke, de genadige en de zorgdragende Vader van zijne kinderen zijn?

Indien wij echter de vraag aldus principieel stellen, dan gaat ons oog ook terstond open voor deze gansch bijzondere eigenaardigheid der H. Schrift, dat zij de eenheid van beide van den beginne aan predikt en tot den einde toe vasthoudt. De Schepper van hemel en aarde, in wien alle schepselen leven en zich bewegen en zijn, die onvergelijkelijk, onbegrijpelijk, oneindig en eeuwig is, Hij is tevens de Vader van onzen Heere Jezus Christus en in Hem de Vader van al zijne kinderen. Ik zou de gansche Schrift met U moeten doorloopen, om deze eenheid Gods in hare volle heerlijkheid voor uwe oogen te stellen, maar ik vat alles saam in dit wonderschoone woord van Jesaja den profeet: Alzoo zegt de Hooge en Verhevene, die in de eeuwigheid woont en wiens naam heilig is: Ik woon in de hoogte en in het heilige, en bij dien, die van een verbrijzelden en nederigen geest is, opdat Ik levend make den geest der nederigen, en opdat Ik levend make het hart der verbrijzelden. Deze eenheid, die van gansch anderen