Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dagen, van Gerrit de Clercq i) en het dichterlijk protest tegen deze niet-benoeming:

Een leerstoel voor U; U den leidsman der dwaling!

Onze jeugd met vernuften tot meesters, uw buit!

Het hof om te rusten benoemd bij herhaling

Voor wie niet al plaatse, slechts U sloot het uit,

vloeide uit de pen van een onverdacht liberaal.

Wat eindelijk Groen van Prinsterer betreft, of deze na 1848 nog een hoogleeraarsplaats heeft begeerd, is mij onbekend 2). Ik zou het echter betwijfelen.

Hiermede acht ik het meer persoonlijke in Dr. KuyPer's vlugschrift voor afgedaan. Ik kan mij ter nauwernood voorstellen, dat iemand, na lezing der voorafgaande regelen in verband met mijn Gids-artikel, mij nog het verwijt zal doen van de hoop te hebben uitgedrukt, tfat Dr. Kuyper slecht zou worden, of van onverdienden smaad op de deputaten te hebben geworpen. Mij blijft dus slechts over te hopen, dat de toon van gezag, dien de schrijver van Eer is teer aanneemt, zijne lezers niet zoo sterk zal overweldigen, dat zij de kennisneming, van wat ik de vrijheid nam in het midden te brengen, als overbodig zullen beschouwen.

1) Zie Brieven van Da Costa ie deel blz. 203.

2) Nog geen twintig jaren oud was hij (Groen) dan ook reeds aangewezen als Borger's opvolger; de voorzichtigheid van zijnen begaafden en strengen geneeskundigen vader verhinderde de uitvoering van dat plan. Na den dood van Kemper, — scheen hij bestemd en niemand anders om diens ledig gewordene plaats voor het Staats- en Volkenrecht te bezetten. Dr. G. J, Vos, Groen vaa Prinsterer en zijn tijd, blz. 8. Kemper overleed in 1824.

Sluiten