is toegevoegd aan uw favorieten.

Tegen Dr. A. Kuyper

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

moeten leiden tot sluiting der Protestantsche kerken en scholen; maar — zoo betoogt hij verder—nu hier te lande de Roomsche partij, om voor zich zelve vrij te komen, aan de anti-revolutionaire partij de volledige vrijheid voor de doorwerking harer beginselen verpandt, steekt haar vrijheidszin gunstig af bij wat de liberalen zich tegenover de anti-revolutionairen ten laste lieten komen. Welke zwarte daden hebben de liberalen dan verricht, dat zelfs deze vrijheidszin uit louter eigenbelang hierbij nog uitblinkt? Ferry en de Parijsche gemeenteraad, die het eerst als schuldigen door Dr Kuyper worden gedagvaard, hebben zeker de Nederlandsche liberalen niet tot medeplichtigen gehad. Wij kunnen hen laten rusten om ons te bepalen tot wat op vaderlandschen bodem is geschied. Daar heeft het liberalisme drie groote vergrijpen tegen de vrijheid op zijne rekening. Het heeft sints 1857 de staatsschool misbruikt om ons volk van het Evangelie te vervreemden, het heeft bij het Hooger Onderwijs elke vertolking van „onze beginselen" (dit zal wel beteekenen antirevolutionair op staatkundig en orthodox op godgeleerd gebied) uitgesloten; het heeft eindelijk sints 1816 de kerk aan zich cynsbaar gemaakt.

Over de eerste beschuldiging zal ik zwijgen, de processtukken • zijn zoo talrijk en zoo algemeen verspreid, dat iedereen zich een oordeel er over kan vormen. De onjuistheid der tweede beschuldiging toonde ik hierboven reeds aan 1); wat de laatste betreft, zij

1) In een brief van da Costa aan Groen (Brieven I bh. 149) wordt