Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in de tegenwoordige wereld, dat zij niet hoogmoedig zijn, noch hunne hope stellen op de zekerheid des rijkdoms, maar op God, die ons alle dingen rijkelijk verleent om ze te genieten. Dat zij weldoen, rijk zijn in goede werken, milddadig zijn, mededeelzaam" enz.

De gelijkenis van den rijken man en den armen Lazarus in Lukas 16:19—31 is zeer zeker Ebionietisch: daarin wordt de arme geprezen en beërft hij Gods koninkrijk, niet omdat hij vroom, maar enkel en alleen omdat hij arm is. Dit heeft Dr. Maurenbrecher goed gezien Het verhaal van den rijken jongeling in Matth. 19:16—30 bedoelt een soortgelijken geest. Deze moet immers alles verkoopen en zijn geld aan de armen weggeven. Men is zonder twijfel wel eens te ver gegaan in het loochenen van dergelijke trekjes in het Nieuwe Testament. Maar onze socialistische schrijvers overdrijven nu weer naar den anderen kant. Als een man uit de schare om Jezus' bemiddeling bij eene erfeniskwestie verzoekt en deze weigert op grond dat hij zich tot dergelijk werk niet geroepen acht, dan sluit dit toch geenszins in, dat Jezus alle bezit, zelfs van goed, dat men van zijne ouders heeft geërfd, afkeurt 2).

Eene origineele uitlegging geeft Dr. Maurenbrecher aan de verzen Mtth. 6 : 25—33, waarin Jezus tegen het bezorgd-zijn waarschuwt. Gewoonlijk beschouwt men deze als gericht tot de armen, zegt hij, maar dit is onjuist, want Jezus heeft hier de rijken op het oog 3). Ik zou zeggen: het woord is van pas voor beide soorten van menschen tegelijk en bovendien nog voor de overgroote meerderheid, die zonder arm of rijk te zijn toch aanleiding genoeg heeft om onder te gaan in de bekommernis om vergankelijke goederen.

Dat de Ebionietische trekken in onze Evangeliën niet

J) Von N. nach G„ S. 157. *) a. a. O., S. 162.

3> a. a. O. S. 165.

86

Sluiten