is toegevoegd aan uw favorieten.

Het hooge belang der ambtelijke vakken

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nisme der wetenschap plaatst, weinig vruchten geven kan voor kerk en wetenschap beide.

Dezelfde bezwaren van tweeslachtigheid blijven dan aan de opleiding kleven, als hier te lande met de zoogenaamde kerkelijke hoogleeraren. Evenmin kan baten het in practijk brengen van een voorslag, gedaan door Herman Couard, Pastor zu Wintermark, die soms, zij het in anderen vorm, ook wel eens in onze kringen vernomen wordt, (*) en zelfs door Dr. Bronsveld c. s. in eene Memorie aan de Synode der Ned. Herv. Kerk is voorgesteld. (**)

Hij wil het zoogenaamde vicariaat invoeren.

De kerk moet dan in groote plattelandsgemeenten een Pfanei aanstellen, die is „oin Mann voll Glauben, voll Geistes und Krafte und ein Beter dazu." Zijne vrouw moet eene ware Pfarrfrau zijn, „schlicht und anspruchlos, demütig und bescheiden, barmherzig und gutthatig, voll weiblicher Einfalt und ungeschminkter Herzlichkeit, voll tiefen Verstandnissen fiir den hohen Beruf eines Geistlichen" enz.

Bij die Vikariats-Vater und Mutter, moeten de candidaten dan een jaar lang inwonen om in het eerste semester alle door den Pfarrer te houden godsdienstoefeningen en alle dooi hem te verrichten dienstwerk bij te wonen, ook dus zijn catechetisch onderwijs en bezoek in de gemeente. Indien het toegestaan wordt, ook de zittingen der Kirchlichen Gemeinde-Organe. Af en toe moeten zij bij begrafenisplechtigheden enz. optreden na eerst door den Pfarrer geinstrueerd te zijn.

O H. Couai'd. Das Uedürfniss der praktischer! Ausbildung nnserer jungen Theologen iur das Pfarrambt und die Btfriedigung desselben vornehmlich duïch das Vikariat. Magdeburg, E. Baensch, jun.

I**) Zie: Stemmea voor Waarheid en vrede, afl. September 1894.