is toegevoegd aan uw favorieten.

Nieuw-Gereformeerde en moderne theologie

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

die den kosmos ziet als organisme, niet van buiten af maar van binnen uit bewogen — en die dus eene scherpe tegenstelling vormt met het mechanische supranaturalisme, dat wij gewoon zijn, kortheidshalve, „supranaturalisme" te noemen en dat door de voorgeslachten is aangehangen; waarin Calvijn heeft geademd; dat in ons vaderland is verdedigd door al wat „orthodox" heette, tot op de komst van Dr. Kuyper. Dat supranaturalisme heeft prof. B. vaarwel gezegd voor de moderne wereldbeschouwing.

Maar hij zelf zou terstond in het geweer komen, wanneer ik dezen laatsten volzin aldus omzette: „Prof. B. aanvaardt de wereldbeschouwing der modernen . — Want over „de modernen" giet hij de fiolen van zijne geringschatting uit.

Niet, dat hij tot eiken prijs „orthodox" wil heeten. Hij vergeestelijkt niet, als Dr. de Hartog, het begrip „orthodoxie", zoodat „orthodox" en „Christelijk" synoniemen worden. „Hoe hoog, zegt hij (bl. 15) de belijdenis der kerk ook geschat worde, zij is norma normata, ondergeschikt aan de H. Schrift en blijft dus steeds voor herziening en uitbreiding vatbaar".

Maar zweert hij niet bij „orthodoxie", hij minacht „het modernisme".

Wel blijft hij in gebreke dit begrip te definieeren.

Hij is „niet tegen al het moderne gekant" (blz. 15). Dat zal wel waar zijn, denkt wie zich herinnert, dat hij de moderne wereldbeschouwing aanvaardt.

Ook erkent hij „dat alle richtingen en partijen in meerdere of mindere mate aan een Neubau bezig zijn en pogingen in het werk stellen om het aloude Christendom te verzoenen met de moderne cultuur .

Maar het woord en het begrip „modern" is hem „innerlich verhaszt".

Ik zeide reeds, dat hij in gebreke blijft het te definieeren.

Het schijnt dat hij graden aanneemt in modernisme,

200