is toegevoegd aan uw favorieten.

Nieuw-Gereformeerde en moderne theologie

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der openbaring niet is leer of leven of aandoening des gemoeds, maar dat ze is dat alles te zaam, een goddelijk werk, eene wereld van gedachten en daden, een ordo gratiae, die de ordo peccati op alle terrein bestrijdt en verwint .... „De zonde heeft alles bedorven en verwoest, verstand en wil, ethische en physische wereld. En daarom is het ook de gansche mensch en heel de kosmos, om wiens redding en herstel het God met zijne openbaring te doen is . . . „De al of niet erkenning der openbaring wordt beslist door onze geheele levens- en wereldbeschouwing. Niet de historische critiek, maar de zelfcritiek, niet de wetenschap maar het geloof, niet het hoofd maar het hart geeft hierbij den doorslag ... „Was für eine Philosophie man wahle, hangt davon ab was für ein Mensch man ist. Unser Denksystem ist oft nur die Geschichte unseres Herzens" . . .

„Zooals zij in het paradijs begint en in de parusie eindigt, vormt zij eene grootsche historie die licht verspreidt over heel de natuur en geschiedenis en daarin het buitengewone door het gewone voor mateloosheid behoedt en het gewone door het buitengewone adelt. Zonder haar wandelen wij in het duister, — met haar bevinden wij ons in eene wereld, die trots alle zondige macht der herstelling en der volmaking tegemoet wordt gevoerd. Israël de voorbereiding, Christus het centrum, de kerk de uitwerking, de parusie de kroon — dat is het snoer, dat de openbaringsfeiten met elkander verbindt". . .

En nu nog deze zinnen uit de Stonelezingen (159). „Bij de oorspronkelijke openbaring sluit die openbaring zich aan, welke naar het O. T. aan Israël te beurt is gevallen. Zij is er op gebouwd en rust er op en zij is er tevens de voortzetting, de ontwikkeling, en de voltooiing van. De scheiding tusschen de later zoogenoemde algemeene en bijzondere openbaring treedt eerst bij de afzondering van Abraham in; vóór dien tijd zijn ze onder-

208