is toegevoegd aan uw favorieten.

Nieuw-Gereformeerde en moderne theologie

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nu is immers blijkbaar al het wezenlijke van het oude geloof bewaard! Nu kan men weer iets denken bij zijn geloof! . . . Nu wordt Prof. Bavinck een geestdriftig aanhanger van de theologie van Dr. Kuyper. Gaarne verlaat hij Kampen voor Amsterdam en arbeidt nu op zijn beurt aan het reddende stelsel, het stuttende met al de gaven van zijn geest.

Men leze de Stonelezingen. Men vindt er wat ook onze oratie geeft: een levendig besef, het in theologicis te hebben gegrepen; het besef dat met zijne opvattingen van wereld en bijzondere openbaring en beider verband de Christelijke godsdienst zelf staat en valt.

Ik sprak ook van de kerkelijke zijde der gereformeerde orthodoxie.

Daar zijn de mannen-broeders, „de kleine luyden , die wel niet staan op de hoogte van de hedendaagsche cultuur, maar tot wie men van oudsher behoort: ons gereformeerde volk, door de modernen niet bereikt, maar hunne broeders. Zij moeten mee. Zij kunnen ook mede. De oude termen blijven. Ja, zij worden bij voorkeur gebruikt. De inhoud is wel een andere geworden, maar dat bemerkt men niet. En zoo men het bemerkt gaat men mede, zooals immers ook de geleerde voorgangers zijn meegegaan.

Het zelfbesef der schare rijst met haar invloed onder zoo bekwame leiding. Men wordt eene macht in den lande : een eigen kerk, een eigen school, een eigen universiteit; het gestoelte der eere! . . . En als de geleerde rector magnificus der Vrije Universiteit zijn rectoraat overdraagt, dan besluit hij het materieele gedeelte van zijne rede met de zegevierende woorden: „De wereld is niet ééne m monistischen zin; integendeel zij is eindeloos verscheiden, verscheiden in schepselen, in gaven, in krachten, in wetten, in werkingen. In die rijke, veelvormige wereld neemt de bijzondere openbaring eene plaats der eere in, want zij draagt een eigen karakter, heeft een zelfstandigen inhoud, 217