is toegevoegd aan uw favorieten.

Vaderlandsliefde

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de levensvoorwaarden voor een volksbestaan. Men heeft lief naarmate men meer geleden heeft, want het lijden, waarin allen deelden, bindt nog meer dan gemeenschappelijke vreugde. Hierop doelde Ibsen toen hij een der Russische schrijvers er mede geluk wenschte, dat hij onder een bloedige dwingelandij leefde 1

•Vervolging maakt kameraden.

Welke kracht geeft die kameraadschap in tijden van gevaar, hoe bezielt de toewijding aan het gemeenschappelijk vaderland tot eendracht 1 Strijdend te midden der broeders durft men alles aan en duldt men met een glimlach wat anders onverdragelijk schijnt.

De groote geschiedschrijver Gibbon betreurde het op later leeftijd, dat hij zich in zijn jeugd niet aangesloten had als militair, rechtsgeleerde of geneesheer aan een der groote beroepen, omdat hij daardoor gewonnen zou hebben dien eervollen prikkel tot krachtig werken, welke het deel wordt van hem, die lid is van een verzameling mannen met de onwankelbare traditie van het gemeenschapsgevoel, dat public spirit of esprit de corps genoemd kan worden. Welnu, die discipline, die traditie, dat ideaal geeft aan burgers vooral van een klein land het besef, dat allen die voor dat land denken, werken, lijden onze makkers zijn.

Enge grenzen dwingen tot broederschap en eenheid. Als men denkt aan al wat de beschaving en schoonheid der wereld danken aan kleine volken, dan rijst de vraag of die gedwongen aaneensluiting juist van een klein volk niet versterkt de innigheid, de oorspronkelijkheid en de scheppende geestkracht der inwoners.

Ik geloof dat de saamgedrongen kracht van hun gevoelen, hopen, verbeelden, denken, waartoe ze genoopt werden door de hen omringende, verdringende volken, aan die vaderlanden van de geestelijke krachten der wereld hun adel en bezieling gaf.

,,De zege van Marathon was de overwinnig van een volk dat

zich zelf wil zijn" zeide Allard Pierson in zijn Hellas.

* *

*

Maar nu is het juist dit alleenlijk of voornamelijk zich zelf willen zijn van individuen en naties, dat tegenwoordig wordt afgekeurd door velen, die in zich zeiven boven alles wereldburgers zien. De innigheid van den band die het vaderland legt noemen ze engheid. Ze willen niet dat men aan één volk geeft wat der geheele wereld toekomt. In plaats van ons kleine land, zoo warm van kleur, bieden ze een paradijs van gesmolten sneeuw en