is toegevoegd aan uw favorieten.

Hoofdlijnen der paedagogiek van Dr. Herman Bavinck, met critische beschouwing

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ze steeds met meer inhoud gevuld worden. Blijft het kind in de sfeer, waarin deze dingen thuishooren, dan komt het tot steeds dieper inzicht in de beteekenis van wat het geleerd heeft. Maar een bloot stof vergaderen, die dan later wel eens verwerkt zal worden, mag het nooit worden. Het kind zal nu eens zaken le>eren kennen, waarvoor het de benaming nog niet weet, dan weer woorden hooren, wier beteekenis hem nog niet duidelijk is. Het onderwijs moet steeds het verband tusschen beide bevorderen. En het mag nooit vergeten worden, dat „woorden" een heel verraderlijk artikel is. Inflatie is hier geen denkbeeldig gevaar.

De tucht op school.

Hierover nog een kort woord. We moeten ook hier bedenken, dat Dr. Bavinck niet de zaak in haar geheel heeft beschouwd, maar dat het voornamelijk geldt; positie nemen tegen een richting, die dwang en straf bij de opvoeding verwerpt. Hiertegen verdedigt hij zoowel het recht tot straf, als ook het opvoedend karakter dat de straf draagt, waardoor ze tot tucht wordt. In 1913 heeft Ds. Kok een andere beschouwing over tucht en straf voorgedragen, waartegen Dr. Bavinck in een noot op bl. 157 van den 2den druk der P.B. kort polemiseert. De zaak is weer actueel geworden door het referaat van Prof. Waterink, in 1926 als no. 24 dezer serie verschenen. Het is hier niet de plaats, op de geheele zaak in te gaan. We bepalen ons tot bespreking der beschouwingen van Dr. Bavinck.

De tucht in huis en school, zegt deze, „is tucht, maar tegelijk ook straf; straf, maar tevens tucht". Nu kan alle strijd over woorden hierbij vermeden worden, als men niet vraagt of 't wel mogelijk is, dat straf tegelijk tucht en tucht tevens straf is, maar of bepaalde concrete handelingen tegelijk het karakter van straf en tucht kunnen dragen.

Straf is een maatregel om de rechtsorde in een bepaalden levenskring te handhaven, en deze is naar de ordening Gods voor die levenskringen bij overtreding noodzakelijk. Als iemand dus rechtens straft, op welk terrein ook, is hij tot het toedienen van die straf verplicht. De handeling, die tot bestraffing dient,