is toegevoegd aan uw favorieten.

Memorie van consideratiën, ten dienste van het Provinciaal kerkbestuur van Noord-Holland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

met in conflict gekomen leden des Kerkeraads te kunnen beheeren. Daar ook na de wijziging van l i December in het tweede lid van art. 8 gesproken wordt van „verplichte aftreding van predikanten, ouderlingen of diakenen, die ophouden leden des Kerkeraads te zijn, en in het algemeen van leden, die hun radicaal voor deze Commissie verliezen," is de opmerking van het Classicaal bestuur onverklaarbaar. En wat zijn in con/liet gekomen leden des Kerkeraads ? Aangenomen het uiterste geval, vroegere leden der Hervormde Kerk, die haar hebben verlaten, zelfs dan nog zou het met geene enkele bepaling van het kerkelijk wetboek strijdig zijn, de administratie der stoffelijke goederen toe te betrouwen aan niet-leden der Hervormde kerk. Wel kan van zoo iets te Amsterdam geen sprake zijn, want het tegendeel staat in het beklaagde reglement; maar getoetst aan de instellingen van het genootschap, belet niets, dat de beheerder van het kerkegoed een Lutheraan of een Remonstrant zij.

De verandering van rechterlijke uitspraak door uitspraak van den burgerlijken rechter in art. 10 en de redactiewijziging in art. 23 erkent het Classikaal bestuur gansch onschuldige amendementen te zijn en van de verandering in art. 24, dat zij is „in overeenstemming met art. 9 Algemeen Reglement." Het Reglement der Commissie verbiedt afschrijving)van het Grootboek zonder speciale vergunning van den Kerkeraad. Volgens art. 9 van het Algemeen reglement voor de Hervormde Kerk neemt geen kerkelijk bestuur eenig besluit dan bij tegenwoordigheid van twee derden zijner leden, doch onder bijvoeging: „tenzij de vergadering wegens ongenoegzaam getal van leden reeds eenmaal was uiteengegaan en ten tweeden male tot behandeling der zaak wettiglijk was opgeroepen." Dat neemt de Kerkeraad letterlijk over. „Het maakt," klaagt het Classikaal bestuur, „den weg gemakkelijk om tot eene afschrijving van fondsen te kunnen overgaan en weder op grond dier willekeurig vooronderstelde en daarbij op zich zelf beschouwd volkomen geoorloofde bedoeling acht het provisioneele schorsing van een tachtigtal predikanten, ouderlingen en diakenen wegens een gegrond bevonden, geruchtmakend bezwaar van ergerlijken aard onverwijld noodzakelijk en dringt op hunne ontzetting uit hunne kerkelijke betrekkingen aan!

Art. 19, 4 al., Algemeen Reglement houdt in: „De Kerkeraad vertegenwoordigt en bestuurt de gemeente, en wel de Algemeenc of ook de Bijzondere Kerkeraad, naarmate de zaken, die te behandelen zijn, tot den eenen of tot den andoren beliooren." In een reglement en instructie