Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bibliotheek

t. d. v. jj.

Christelijk Onderv/j".

De lieer Valeton heeft zijne belofte gestand gedaan, en naar zijne wijze van zien, daghelder aangetoond, dat het christelijk onderwijs verderfelijk is. Met prijselijke gematigdheid heeft hij zijne denkbeelden blootgelegd, en verwacht, dat ze zullen besproken en weersproken worden. Dat hij, niettegenstaande zijn bondigen betoogtrant , mij niet heeft kunnen overtuigen van de waarheid van zijn beweren, zal blijken uit hetgeen volgt. Ging alles op, of, zelfs maar 't voornaamste van hetgeen de heer Y. betoogd heeft, dan zou het misdadig zijn nog langer het christelijk onderwijs te dienen. Welk eerlijk man ; wie, die een hart voor kinderen heeft, wensclit mede te werken aan hun verderf? Dat ik mij geene illusiën maak, den heer Y. tot mijne zienswijze over te halen, kan ik in gemoede verzekeren. Ik wensch getuigenis af te leggen. Ik wensch te doen zien, dat, om de verderfelijkheid van het christelijk onderwijs te bewijzen, gebruik gemaakt is van gegevens, die wellicht eene christelijke school of een christelijk huigezin den heer V. gegeven heeft en waarin het toe gaat zooals hij beschrijft, maar die niet voor het christelijk onderwijs kunnta dienen. E11 nu kom ik terstond met de bewering, dat het beginsel waaruit het christelijk onderwas is voortgekomen, door den heer V. volstrekt niet is aangeroerd. Hij heeft hier en daar eens rond gezien en natuurlijk veel opgemerkt, dat verkeerd is en deelt ons zijne op- f,n aanmerkingen meê. Maar de vraag, is dit het ware of valsche? is door hem niet gedaan. Hij heeft gesproken over het gebed; over het gebruik des Bijbels; over de eigenaardige voorstelling der vaderlandsche geschiedenis, en over het onware gebruik der natuurwetenschap.

"Vooral in de eerste twee punten heeft de heer Y. veel gezegd, waarmede ieder voorstander van christelijk onderwijs 't volkomen

Sluiten