Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

met hem eens is. Ging't met het fbed en 't gebruik des Bijbels algemeen toe, zooals geschetst is, de reer V. had gelijk. Nu alleen gewezen wordt op 't Misbruik, valt natuurlijk zijn betoog over't verderfelijke van het gebruik.

Wat is christelijk onderwijs? 't Is een onderwijs „waarin, bij onbelemmerd en doeltreffend gebruik der Heilige schrift en trouwe voorstelling der volkshistorie, ') het onderwijs in nuttige kundigheden aan christelijke opvoeding wordt dienstbaar gemaakt." 2) Dit onderwijs wordt gegeven in de school, die is: „eene christelijke instelling, geboren uit de behoefte om aan de jeugd eene christelijke opvoeding te geven, bestemd om aan de kerk van Christus ware leden te kunnen toevoegen." 3) Die nu meent dat hierdoor aan de maatschappelijke eischen wordt tekort gedaan, hoore wat de heer Schaberg 4) zegt: „Terwijl de christelijke school even als de openbare de eischen des tijds in aanmerking neemt en de onderrichtsvakken daarnaar bepaald, is het haar toeleg om nog meer te doen. Zij wenscht al haar onderwijs dienstbaar te maken aan de christelijke opvoeding. Gods Woord is haar immer ten richtsnoer

in hare handelwijze."

Ziehier het kenmerkende van het christelijk onderwijs. \Mj zijn voor geen ontwikkeling bevreesd. Wij willen van de kinderen goede burgers, omdat wij er goede christenen van wenschen. Wij wenschen, dat de kinderen menschen worden en deze worden naar onze innigste overtuiging slechts gevormd door de christelijke opvoeding. W ij wenschen er menschen van, aan wie niets wat menschelijk is, vreemd is. Maar „om volkomen mensch te zijn, behoort men christen en wel practisch christen te wezen." 5) En christQn, men wordt het geboren, maar niet gemaakt. Practisch christen te zijn, is eene

•). Ik onderstreep. , . .

2). Zie Reeelement van de vereen, voor Chr. Nat. schoolond. Art. I al. 4.

3)' Zie rede, gehouden door J. P. Schaberg op de algem. verg. van Chr. onderwijzers te Utrecht 9 Juni 1865 en opgenomen in het Maandschrift voor Chr. opvoeding in school en huis. Jaarg. 1866. Die de beginselen waarvan de Chr. opvoeding uitgaat wil weten, leze genoemd Maandschrift, de Paedagogische bedragen en vooral de Heilige schrift.

4). Zie genoemde rede blz. 21.

a) Prof. C. Pruijs v. d. Hoeven, Levensstudiën, blz. 48.

Sluiten