is toegevoegd aan uw favorieten.

Waarom ik het "Chr. Onderwijs" voor verderfelijk houd, van M.C. Valeton

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de toekomst zal uitspraak doen en dan zal het blijken, wie Verstandig waren; zij die meenden op eigen beenen te kunnen staan of zij die een steun meenden noodig te hebben.

Wilde ik den heer V, uitvoerig en stap voor stap volgen in zijn betoog, dan zou mijn stuk verre de grenzen overschrijden, die ik mij zeiven gesteld heb en wat wellicht nu een paar vel zal beslaan, zou de dikte van een boek krijgen. Daarom wil ik nog een enkel woord wijden aan het vierde punt. Ik beweer niet, veel natuurkundige kennis te bezitten. Wat ik van de natuur weet, heb ik grootenaeels door eigen Btudie van de werken, die over dezen tak der wetenschap schrijven. Uit den aard der zaak moet de natuurkunde zich op de lagere school bepalen tot enkele omtrekken. De wet bepaalt zich slechts bij de algemeene verschijnselen. En wil de heer V. weten, hoe de natuur op de Christelijke scholen beschouwd wordt, hij sla de leesboekjes op die gebruikt tvorden. Hiermede zou ik kunnen volstaan, indien mij dan niet met zeker recht zou kunnen verweten worden , dat ik mij van dit punt al te gemakkelijk afmaakte. En dat dit niet het geval is, zal blijken uit hetgeen volgt.

Wetenschap en geloof, behoeven dunkt mij, elkander niet uittesluiten, wijl beider gebied zoo geheel verschillend is. Nu willen wij niet, dat het geloof heerschappij voert over de wetenschap, maar evenmin, dat de laatste het eerste regeert. Wij wenschen niet mee te jubelen, als men een resultaat der wetenschap, meestal nog gebouwd op een hypothese, als wapen handeert, tegen het gezag der Heilige schrift, of tegen liet geloof in God. Wij bouwen het geloof op Gods liefde, wijsheid en almacht in de natuur, niet op de wetenschap, al meenen wij, dat zij ze niet buitensluit. We meenen, dat dit tot een afgesloten tijdperk behoort, „want voor zeker, er ruiseht in de natuur een sprake van Liefde, maar er klimt ook uit haar diepten een stemme des toorns, die in nog machtiger toon van wreedheid, doodsangst en vernieling spreekt. Niet slechts de hen met haar kiekens, ook de vlieg in het spinneweb, vertolkt u haar ontzettend geheimnis. In ernst, men moet aan de vlinder oppervlakkigheid van een Zschokke l\jden, om met zóóveel smart en zóó-