Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ik zonder dus niemand uit, van ons, die hier zijn en van onze generatie in haar geheel, als ik naar de bestemming dezer generatie vraag.

Ik heb hier een woord genoemd, dat werkt als dynamiet: Bestemming.

Wie spreekt van de bestemming van iets, heeft eene onderscheiding gemaakt van fundamenteele beteekenis: tusschen wat iets feitelijk is en tusschen datgene, waartoe dat iets bestemd is en dient. Hij leeft niet maar zonder meer, zonder bezinning, maar hij denkt over het leven na. Zie hier eene onderscheiding, die eene scheiding insluit van ontzaglijke beteekenis. Hij is als iemand, die uit den vloeienden stroom zich omhoog heeft getrokken langs den oever en nu het verloop en de richting van den stroom naspeurt. Tevoren was hij één met den stroom. Nu zijn hij en de stroom twee.

Schopenhauer heeft gesproken van „der Wille (d.i. drang) zum Leben", zonder meer. Nietzsche verbeterde dit als „Wille zur Macht", d.i. een bepaalde soort van leven. Simmel onderscheidde „Leben, mehr-Leben, mehr-als-Leben"; hij hief den denkenden mensch boven het leven zelf uit. Ziedaar onderscheidingen, die illustreeren wat ik bedoel. Wij kunnen niet nalaten over het leven na te denken. Wij slaan de oogen op. Wij verwonderen ons, dat er iets is, en dat het zóó is. Wij vragen waar het vandaan komt, waar het heen gaat, waartoe het dient, waarvoor het bestemd is. Wij onderscheiden tusschen groot en klein, meer en minder; ook tusschen mooi en leelijk, waar en onwaar, goed en kwaad. Wij maken verschil tusschen quantiteit en qualiteit. Wij onderscheiden werkelijkheid en waarde. Wij vragen naar zin en doel, naar richting en bestemming. Deze onderscheidingen hebben een uiterst critische strekking. Zij kunnen noodlottig en heilzaam worden. Zij kunnen den dood en het leven beteekenen. Niemand ontkomt er aan, in zooverre hij mensch is, d.w.z. niet slechts willoos en bewusteloos leeft, maar over het leven nadenkt, zich tegenover het leven verantwoordelijk weet, niet slechts als plant bestaat, doch inderdaad als mensch leeft.

Ik spreek van de critische strekking van deze onderscheidingen. Dit geldt van onze generatie wel zeer nadrukkelijk. Er is zooveel wat tot onderscheiden en vergelijken dwingt, tusschen

Sluiten