is toegevoegd aan uw favorieten.

Stemmen uit Noord-Amerika

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

brood; een ander een taart op een bord en een mes er bij, dat zij niet. weer wilden bebben; andere boden eene kanier aan, maar het was te vochtig. Ik ging de straat over met mijne kindereu aan de deur; Zientje bleef bij het goed. Daar zag mij eene Duitsche juffrouw, die vroeg mij waar ik van daan kwam; ik zeide het haar alles, ook van die woning; haar man was ook schrijnwerker; zij liet mij haar huis zien, en beloofde den anderen dag een kamer voor mij op te zoeken. In dien tijd, waarin ik bij haar in huis was, had deze juffrouw mijne kinderen brood gegeven ; hoe ik te moede was, kunt gij denken, lieve Dominé! Ik had wel eens gedacht: toen ik te Arnhem was, en gebrek had, was ik bij mijn eigen volk, en hier was ik vreemd; maar de Heere toonde mij dat bij Hem niets vreemd is, dat Hij aan geen gewest verbonden is, om zijne kinderen te voeden, daar wij nu nog geen gebrek hadden. Nu kwamen wij weer in het logement tol zaturdag , toen mijn man en Willem ieder eene woning huurden , niet in één huis, maar op ééne plaats, dat wel mijn wensch en bede was. Onze woning deed één en een kwart Dollar in huur; de hunne anderhalven Dollar. Dien vrijdagavond bracht het mij tot een roepen tot den Heere om hulp; ik drong aan op zijne belofte; ik vroeg hem om eene woning en om werk voor mijn man. Mijn ziel was overstelpt: ik kwam terug ten negen uren; daar zag ik den man zitten bij den kastelein , waarom ik den Heere gevraagd had; deze was een man, die Hollandsch kon spreken en Duitsch en Engelsch, die ons ook naar den Hollandschen Consul gewezen had. Ik riep mijn man ien Willem, die aan de deur waren; wij gingen binnen, en vertelden dien man hoe het met ons gelegen was; dat ons geld op was, en mijn man nog geen werk had , en geen kamer, en dat