Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

moet de godsdienst gebannen, omdat zij de openbare school is. Zij, de onderwijzers, moeten onderwijs geven aan kinderen van vrijdenkers, katholieken, orthodoxen, modernen en israëlieten. Zij moeten die kinderen opvoeden met dezelfde middelen. Hoe moet nu ten opzichte van den godsdienst dat onderwijs zijn, opdat het niemands meeningen kwetse ? Zij moeten den kinderen christelijke deugden inboezemen; hoever kan men hiermee gaan? Neem b.v. de naastenliefde. Wat verstaan wij, protestanten, er onder, wat de katholieken, wat de israëlieten? Met drie verschillende meeningen hebben wij hier te doen, volgens welke moet de onderwijzer handelen?

„Een ander voorbeeld, dat kort geleden voorviel in de klasse van een modern onderwijzer, leert zien dat men met den godsdienst in de school nooit te omzichtig kan zijn. Hij had een les te behandelen uit een boekje over de vaderlandsche geschiedenis. Daarin kwam de uitdrukking voor: 2000 jaar geleden. Hij vroeg toen: „Hoe kan dat, wij zijn nu pas in 1900?" Het antwoord is licht te begrijpen: het gebeurde vóór dat de Heere Jezus geboren werd. „Goed," antwoordde de onderwijzer, „het gebeurde 100 jaar vóór de geboorte van Jezus." En nu toonde de jongen, met nog twee of drie anderen, zich beleedigd, omdat de onderwijzer niet zeide: „vóór de geboorte van den Heere Jezus."

„Het is onmogelijk in de openbare school zich op godsdienstig gebied te begeven, zonder gevaar te loopen iemands meeningen te kwetsen. Uit de open-

Sluiten