is toegevoegd aan uw favorieten.

Waar het om gaat

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de Diaconie-scholen of van de catechisatie, en zooveel de meisjes betreft van dat op de Diaconie Linnen- en Wollen-Naaischool. Ingeval uit de opgaven der predikanten, godsdienstonderwijzers of hoofden der scholen blijkt, dat daaromtrent verzuim plaats heeft, zijn diakenen verplicht de ouders hierover te onderhouden. Bij de eerste herhaling der klacht worden de ouders op hunne bedeeling gekort. Bij de tweede herhaling wordt die geheel ingehouden."

Ik erken, als men zoo deze koude, naakte reglementaire bepalingen leest, dat zij den schijn van zekere hardheid hebben; maar zelfs indien dat zoo ware, is het dan niet de hardheid der liefde? Is eene diakonie, die met groote toewijding en onnoemelijk veel moeite en hoofdbreken, hare scholen sticht en onderhoudt, niet gerechtigd, indien zij overtuigd is dat het christelijk onderwijs een zegen voor de jeugd is, de kinderen liarer bedeelden naar hare eigene scholen te verwijzen? Zou zij niet voor karakterloos en onverschillig worden uitgemaakt, wanneer zij de geweldige concurrentie met het openbaar onderwijs aanvaardde, met ontzaglijke inspanning hare scholen bouwde en onderhield, trachtende die in elk opzicht zoo goed mogelijk te doen zijn, en dan toch diegenen, die onder hare voogdij staan, en voor wier stoffelijk en geestelijk welzjjn zij aansprakelijk is, vrij liet hare eigene stichtingen voorbij te gaan? Om het schoolgeld behoeft die „ongelukkige moeder" haar kind niet van de christelijke school af te houden, want Art. 55 van bovengenoemd Reglement bepaalt: „aan de bedeelden mogen zonder besluit der vergadering bewijzen worden uitgereikt voor kostelooze plaatsing hunner kinderen