is toegevoegd aan uw favorieten.

Ons godsdienst-onderwijs

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

deel van de leerstof blijft onaangeroerd en die behandeld wordt, wordt zoo vluchtig behandeld, dat het geleerde door gebrek aan samenhang vervliegt. Slechts een deel vaak — en welk een klein deel! — van den bijbel wordt besproken.

Eindelijk: de onderwijzers hebben geen macht.

Hiermede doel ik op de veelal zoo hoogst ongunstige omstandigheden, waaronder zij onderwijs geven, en op het noodlottig verband, dat er bestaat tusschen de catechisatiën en het lidmaatschap der kerk.

De zorg, die door den staat gedragen wordt voor zijn scholen, is voorbeeldig. Ruime, luchtige gebouwen voor het lager, sierlijke paleizen voor het middelbaar onderwijs! Aan het noodige behoeft het niet te ontbreken. De onderwijzer geeft zijn verlangen te kennen. Commissiën van toezicht ondersteunen het. Bevoegde machten zijn in de meeste gevallen bereid het in te willigen. Maar de benoodigdheden voor het godsdienstonderwijs? De gemeenten, die voor flinke catechiseerkamers zorgen, zijn gunstige uitzonderingen. Hoe zelden vindt men een locaal, waar ruimte is voor wandkaarten en voor een schoolbord; waar een tafel is om aan te schrijven, een bergplaats voor de leermiddelen, een kapstok voor de kleedingstukken. Hoe vele dorpsgemeenten zijn er, waar de predikant zich met zijn leerlingen in het kerkgebouw