Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Och vader, ik ben maar zoo bang dat de Heere de eer niet zal ontvangen, want men kan en mag die appel toch niet doorsnijden de Heere wat en de menschen wat, in de behoudenis van een mensch moet de mensch er toch buiten vallen, want de mensch moet toch door Gods wet behouden worden ?

Terwijl wij des avonds hierover met haar gehandeld hadden, kwam er den volgenden dag een man wel 20 uur bij ons vandaan naar haar welstand vragen. Mijn dochtertje onthield niet wat de Heere gedaan had, maar klaagde dat zij in den laatsten tijd zoo weinig bemoeienissen Gods bemerkte.

Wel zegt die man van bemoeienissen Gods met u daar kan ik van getuigen. Verleden Zondag was ik op een gezelschap wel 20 uur hier vandaan van de gemeente van Ledeboer. Daar had zekere Toontje Porro van Kockengen verteld, dat zij u had ontmoet een vereeniging waar de eeuwigheid van zou getuigen, onder deze mededeeling van Toontje Porro, werd de vrouw waar het gezelschap was zoo met u vereenigd, dat zij geloofde eeuwig met u hier boven God te verheerlijken, ofschoon haar krachten haar niet toelaten u een bezoek te te brengen. Nu kom ik uit haar naam u de

Sluiten