Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nemen, dat zou mogen leiden tot oneere van God of tot vermindering van des konings gratie en gezag. Maar integendeel: wij beloven en zweeren, dat wij tot het uiterste van onze macht, met ons vermogen en met ons leven, instaan voor de verdediging van de persoon en het gezag van onzen geëerbiedigden koning, in de verdediging en het bewaren van voorzegde ware godsdienst, vrijheden en wetten van t koninkrijk; alsook tot de wederzijdsche verdediging en bijstand van een ieder onder ons jegens den anderen, om dezelfde oorzaak, het handhaven van de ware godsdienst..

Dit jaar is in Engeland en Schotland herdacht het gedenkwaardig feit, dat op 28 Febr. 1638, dus drie honderd jaar geleden, het Verbond in Greyfriars Kerk in Edinburg werd neergelegd, opdat het zou worden onderteekend.

Na het gebed, opgezonden door Henderson, werd een algemeene uitnoodiging gedaan, het stuk te onderteekenen. De geheele gemeente drong naar voren. Er was een heilige aandrang om het Verbond te onderschrijven. Hiermede was het groote werk begonnen.

De gelegenheid, het Verbond te onderteekenen, bleef opengesteld en geschiedschrijvers beweren, dat mag worden aangenomen, dat het grootste gedeelte van het Schotsche volk het stuk van zijn handteekening heeft voorzien.

Het onderteekenen was iets anders dan het eenvoudig zetten van zijn naam. Velen doopten de pen in hun eigen bloed en voegden bij hun naam de woorden: „Tot in de dood".

Copiën van het Verbond werden over het geheele land verspreid en werden met heilige ijver en groote vreugde geteekend.

Johnston van Warriston vertelt van een aangrijpend tooneel in een kerk in Edinburg. „Rijk en arm zwoeren met opgeheven handen in de naam van den levenden God,

Sluiten