is toegevoegd aan uw favorieten.

Schotse geloofshelden en heldinnen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

werd ingediend, wegens verzuim van de kerkdienst, tegen Margaretha Wilson, oud 'achttien, Thomas, oud zestien en Agnes, oud dertien jaren.

„Zend de dragonders op hen af", zeide de wreede Grierson of Lagg, „en wij zullen ze hun plicht leeren."

Een vriendelijke wenk werd aan de Wilsons gegeven, dat de kinderen zouden worden gevangen genomen, waarop een familieraad werd gehouden. Wij moeten verbaasd zijn over het helder inzicht, dat de kinderen toonden te hebben, niet alleen in Gods Woord, doch ook in het doel dat de Covenanters beoogden en in de verlangens die hen vervulden.

„Wij oordeelen u niet moeder, doch zoo wij naar de kerk van den hulpprediker zouden gaan, zou dat niet minder zijn dan een zondigen tegen God. Hij predikt het Woord Gods niet, ook tracht hij er niet naar te leven, zooals blijkt uit zijn gedurige dronkenschap. In zijn kerk te zitten, beteekent toe te stemmen in alles wat de koning heeft gedaan en dat is ons onmogelijk. Hel beteekent een instemming met de vervolging van de arme Covenanters, wier eenige fout is, dat zij de onbevlekte godsdienst willen handhaven. Onze harten zijn met deze verjaagde en vervolgde menschen en wij zijn bereid ons deel te hebben in hun lijden."

Diezelfde nacht, na een hartroerend afscheid, verlieten zij de ouderlijke woning om een schuilplaats te zoeken tegen de vervolging van de dragonders.

Toen de soldaten aan het huis van Wilson kwamen, waren zij zeer verrast, dat zij de kinderen niet thuis vonden.

De sergeant zeide tegen de moeder: „Wanneer gij ooit toestaat dat zij uw huis binnenkomen of indien gij ze ooit voedsel zult bezorgen, zullen wij u uit uw huis zetten en