is toegevoegd aan uw favorieten.

Voortgezet onderwijs voor het "volk"

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dering van getrouw schoolbezoek deed een ambachtsman, die er voor zich zelf geen belang bij had, het voorstel pogingen in het werk te stellen om eene herhalingsschool te verkrijgen. Het bestuur vroeg, of de vergadering zich met dezen wensch kon vereenigen , waarop een bijna algemeen toestemmend antwoord volgde. Daar de leden van deze vereeniging gewoonlijk maar eenmaal 'sjaars samenkomen en men het plan hoe eerder, hoe liever tot werkelijkheid zag komen, werd het bestuur gemachtigd, al die maatregelen te nemen, welke het slagen konden bevorderen. Het bestuur rekende, dat een deel der benoodigde gelden wel zou worden geschonken door particulieren, maar dat het overigens eigenlijk eene gemeentezaak gold en men dus bij het gemeentebestuur gerust kon aankloppen om hulp. Men kende evenwel zijn volkje en om nu het gemeentebestuur te overtuigen, dat het niet aan leerlingen zou ontbreken, liet men vooraf bij de bewoners-eene lijst rondgaan, om zoo de namen te Vernemen van hen, die gebruik wenschten te maken van het voorgestelde onderwijs. Niet minder dan 35 namen van leerlingen werden er op geplaatst. Wanneer men nu nog weet, dat de dagschool nooit meer dan 140 leerlingen telt en deze zoo goed als nimmer vóór hun 12e jaar de school verlaten, zal men toegeven, dat hier belangstelling genoeg bestond. Het gemeentebestuur verschool zich evenwel achter het zooveel doenlijk eu wilde hoogstens een schoollokaal met vuur, maar zonder licht, beschikbaar stellen. De belangstellenden waren zelf voor het meerendeel onvermogend de kosten te dragen en zoo kwam er niets van.

Uit het meegedeelde blijkt duidelijk, dat een der factoren, waardoor nog zoo weinig herhalingsscholen bestaan, de kosten zijn. „Het onderwijs kost toch al zooveel en nu nog meer „daarmee zullen wij nog maar wat wachten, wij kunnen hier „immers niet gedwongen worden", zie daar de redeneertrant van menig gemeentebestuur, waarin, het moge hard zijn om het te zeggen, ten platte lande nog al te vaak slechts enkel