Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

•zich vele nooden en ellenden die hulp vereischten niet alleen wat de kranken, maar ook wat de gezonden betrof. Hoevele armen en hulpbehoevenden vroegen om een gave voor wie de diacones als de tusschenpersoon de hulp der rijken en meer bemiddelden kon inroepen.

Zoo treedt naast de krankenverplegende diacones zelfstandig op de gemeente-diacones of de wijkzuster, wier werkzaamheid Fliedner meermalen de kroon van den Diaconessen-arbeid heeft genoemd.

Enkele gemeentezusters vonden in de wijken weeskinderen voor welke niemand zorgde. Zij werden naar Kaiserswerth gezonden. Hun getal vermeerderde sterk door de kinderen van predikanten en onderwijzers uit Bohemen en Moravië. Een geregeld onderwijs werd noodig. Zoo werd de diacones tevens onderwijzeres. Fliedner stichtte de kweekschool voor onderwijzeressen te Kaiserswerth, waar zij voor bewaarscholen, voor lager en voor hooger onderwijs werden gevormd.

Wat Fliedner daarmee voor de oplossing der vrouwenquaestie in haar geheel heeft gedaan, behoeft hier niet vermeld te worden. De diaconessen-onderwijzeressen, de „leerzusters," traden aan het hoofd van hoogere en lagere scholen op, zelfs te Bucharest,

Sluiten