is toegevoegd aan uw favorieten.

De wederinvoering der doodstraf

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

stelling van een medemensch. De Kerk deed dat niet. Maar de rechters, die tot de Kerk behoorden onthielden zich vrijwillig van het heilig Avondmaal.

De houding van de Kerk was dualistisch (tweeslachtig). Zelfs bij Augustinus is dit duidelijk merkbaar. Hij, en heel de Kerk in zijn tijd, spreken uit: De Overheid draagt het zwaard, om de boosdoeners te straffen. En toch gaan de bisschoppen officieel de overheid smeeken, om aan de boosdoeners gratie te verleenen.

Ook in de Middeneeuwen plaatst de Kerk zich op het standpunt der barmhartigheid, terwijl zij erkent het recht van den Staat om aan den lijve te straffen.

Paus Nicolaas I schreef in 866 aan de Bulgaren een brief, waarin hij onder meer hen herinnert aan de barmhartigheid Gods, de erkentenis van welke hen niet toeliet onbarmhartig te zijn: Zooals zij door Christus van den eeuwigen dood tot het eeuwige leven waren gebracht, zoo moesten ook zij niet alleen den onschuldigen, maar ook den schuldigen van den dood trachten te redden.

Gedurende heel dit tijdperk, waarin onverkort erkend werd, dat de Staat het recht heeft den kwaaddoener aan den lijve te straffen, poogde de Kerk zich voor te doen als de barmhartige Samaritaan. Ecclesia non sitit sanguinem (de Kerk dorst niet naar bloed) werd luide uitgeroepen; en dat woord werd het masker, waaronder de Kerk haar huichelachtigheid, haar boosheid verbergde. Duizenden werden overgeleverd en als ketters gehangen en verbrand, door den invloed, door den drang der Kerk, terwijl zij poseerde als de Engel der barmhartigheid. Het heeft ons nimmer mogen gelukken het verband te vinden tusschen theorie en practijk in dezen: Het roemen in de barmhartigheid en het woeden tegen de „ketters" is niet in over-