is toegevoegd aan uw favorieten.

De Chasidim

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een verbond van liefde en genade gesloten." God heeft ten dage deiwetgeving ook aan de heidenen de Thora aangeboden, maar zij weigerden , en vloden voor zijn aangezicht — alleen Israël nam haar gewillig aan, en daarom is dan ook God tot Israël voor alle eeuwigheid in eene geheel éénige betrekking getreden. Zie Kandelaar des lichts II, blz. 415 verv. «Over sommige onbekende bizonderheden, die bij de wetgeving plaats gehad hebben", en Dr. F. Weber, System der Altsyn. Palast. Theol., blz. 56 , 57, en geheel het 5e Hoofdstuk «Israël das Volk der Thora unter den Vólkern," blz 50 verv.

Wij kunnen ons niet weerhouden hier nog de 9e bladzijde van Stern's Europ. Israël 1889, blz. 9 over te nemen. «Met gewichtigen ernst, met de eerlijkste nauwgezetheid onderzoeken de autoriteiten, of men op den Sabbat een stoel van zijne plaats mag verzetten, of men een nieuw geglaasd vaatwerk op het Paaschfeest gebruiken mag. Wordt gij 's morgens wakker, geen vijf pas moogt gij u van uw bed verwijderen zonder de handen gewasschen te hebben; nauwkeurig wordt u de maat van uw waschgerei voorgeschreven — en zoo gaat het voort tot ge u 's avonds weer ter ruste legt. Minstens honderd berachot (zegenbeden) moeten dagelijks worden uitgesproken, maar wee u wanneer ook maar ééne daarvan niet op de rechte plaats gezegd wordt, want dan zou de naam Gods te vergeefs zijn uitgesproken, en dus het derde gebod overtreden zjjn. De Sabbatsgeboden zijn letterlijk niet te overzien, en grenzeloos in hun eischen. Op Sabbat is het heelen eener wonde die niet levensgevaarlijk is verboden, al werd ge ook razend van de pijn; het dragen van een stok, van een regenscherm, van een lorgnet, ja van een zakdoek is verboden. Versch geplukt ooft, versch gekookte spijzen zijn verboden. Verboden, alles verboden! Het keukenritueel is , zoo mogelijk, nog ingewikkelder en uitgebreider dan het Sabbatsgebod. (Zie hier Buxtorf, Syn. Jud. blz. 593 verv.) De gestrenge, tot dwaasheid leidende afzondering van melk- en vleeschspijzen, (zie hier J. Spencer, De legibus Hebr. ritualibus 1686, blz. 270 verv.) bracht een genialen kop op het denkbeeld deze scheiding ook in de maag gedurende het verduwingsproces door te voeren. Hij decreteerde : men zou na genoten vleeschspijzen met het eten van melkspjjzen eenige uren wachten, — en het fraaist van alles is, dat deze meening een godsdienstig gebod werd! Het toppunt wordt bereikt in het Pascharitueel, want hier schrijft de Talmoed voor: wie ook maar het geringste, zelfs maar een stofje van «chamets' (het gezuurde) geniet, of ook maar bezit, die begaat eene zonde. Wie kan zich nu voor deze zware zonde wachten? Een stofje — de wind brengt het tot u, machteloos staat gij er tegenover,