is toegevoegd aan uw favorieten.

De Chasidim

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de Joodsche knaap religieus mondig. Den Sabbat op dien verjaardag volgende wordt hij in de synagoge voor de Thora geroepen, om er een gedeelte uit voor te lezen, en tehuis houdt hij dan in presentie van ouders, leermeesters en, vrienden zijne aderasja", een speechje over een of ander talmoedisch onderwerp, natuurlijk vooraf goed met den »lamdan" (of »mclammed", den onderwijzer) bewerkt, maar toch èn voor den jongen darsjan (redenaar) èn voor zijne familie een hoogst belangrijke verrichting. Zie nog Buxtorf, Syn. Jud. blz. -143 verv.

73) Het woord «Chasid" heeft op zichzelf niets karakteristieks. Zie Buxtorf Syn. Jud. blz. 5. Een ieder die goed, edel, pieus is, kan zoo heeten. Ook de aanhangers van Frank-Lebjowitz (zie over hem Graetz) noemden zich chasidim. Maar thans heeft de door ons beschreven secte zich dien naam in het bizonder toegekend, en — moet men hun dien laten. Verba valent usu. Vergelijk de «evangelischen" , «gereformeerden" e tutti quanti.

74) De zoogenaamde «gilgoel sjeleg." Tal van vrijwillig op zich genomen, of als straffen voor begane zonden afgelegde kwellingen, kan men nalezen bij Buxtorf, Syn. Jud. blz. 674 verv. enBasnagel, blz. 313.

75) Men denke aan Thendus, die met 400 volgelingen de woestijn introk; aan de Zeloten, de Kanaim, ten dage der Romeinen; aan Bar-Kochba, en aan al die figuren uit de tranenrijke Joodsche historie, die zich óf zeiven als Messiassen uitgaven, öf anderen er voor erkenden, óf zich in de berekening en becijfering zijner data verdiepten en verloren. Zie hier het belangrijke artikel «Erlösungszeit", in Hamburgers Ileal-Encycl. I blz. 328 verv. en Moubach blz. 88, 89 «Van der Jooden verleiders en valsche Messiassen." Zie ook Basnage II blz. 1523, 1670 verv. 1882, 1901, en passim. Verg. nog Saat auf Hoffnung 1871 blz. 39.

76) Verg. Kandelaar des lichts I, blz. 111.

77) Zie Buxtorf, Syn. Jud. blz. 581 verv.

78) Graetz, a. w. blz. 369. Dit oordeel van Graetz is zeker niet malsch, maar zal toch door vele Joden, zelfs rechtzinnigen in massa, onderschreven worden. De verwoestingen door deze mystieke droomerijen teweeggebracht, zijn te duidelijk Geheel ongegrond is het met Pétavel (Dissertation sur la Kabbale, Neuchatel 1848 blz. 5) te spreken van Talmoed en Kabbala in éénen adem als »deux traditions parallèles, dont 1'autorité équivaut pour le moins a celle des Ecritures." Niemand dan die zelf Kabbalist is zal dat toestemmen! Zie het uitvoerige, leerrijke artikel «Kabbala" in J. Hamburger, RealEncyclopadie II blz. 557—603, en vooral Geiger's fijne psychologische