Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

u oordeel, indien dit zoo is, dan moet ik zeggen' dat gij wederkeerig evenzoo omtrent mij handelt? uw oordeel over mij schijnt zoo te zijn, als of de liefelijke zon der geregtigheid bestendig mijne ziel beschijnt, maar ik dacht deze week; indien ik naar Corcum ga, zal ik met een schoot vol van klagten komen, dat gij misschien wel denken zult, aan zulk een man heb ik niet veel, ik heb niet dan al te veel klagten over mij zeiven, en indien men mij dan nu nog met meer klagten bezwaart, dan zou mijn scheepje welhaast zinken, doch denk dan maar: twee klagers verstaan eikanderen het best, terwijl een klager met een roemer slecht overeenstemmen, het is, gelijk Salomo zegt: „een lied te zingen bij een treurig hart, is als de sneeuw in den zomer;" indien toch een rijk menscli bij een totaal arm mensch komt en daar zijnen rijkdom verhaalt, zulks verzwaart de smart nog van dien arme, maar twee armen kunnen elkander het beste vertroosten, omdat zij beiden weten wat armoe is, waar een rijke niets van weet. Dit ondervond ik gepasseerde week nog, er was toen bij mij een Christen uit Zeeland van 70 jaren, die opende zijne geestelijk armoede, blindheid en dwaasheid, en hoe hij geen ééne ware, opregte zucht kon doen, dikwijls in vijandschap stekende gekweld door af- en omzwervende gedachten in zijn gebed, tevens zich diep magteloos bevindende om zich uit dat alles te kunnen redden, en zoo meer andere zaken, en dat nu dit zijn eenige hoop was: de eeuwige liefde, genade en ontferming Gods. Wel ik moet zeggen, wat werd ik verkwikt door die klagten van dien ouden Israëliet, had die man nu uit zijne bijzondere Gods^ntnvjetingea,

Sluiten