is toegevoegd aan uw favorieten.

Tweede bundel gewigtvolle brieven

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

om twaalf uur riep zij haren broeder bij haar bed en zeide tot hem: hoort gij geen gezang? Neen, zeide hij. O riep zij, welk een heerlijk gezang, nooit heb ik het zoo gehoord; maar ik weet niet wat het is. Haar broeder vroeg: hoe lang heeft het al geduurd? Omtrent een uur, zijde zij. Tegen den morgen kwam haar mans moeder eens vragen, hoe het met haar was; waarop zij antwoordde: moeder! hoort gij dat gezang niet? Neen kind, antwoordde deze, ik hoor het niet; maar zeide: dit gezang heeft betrekking op u; des nademiddags van dienzelfden dag om 4 ure, vroeg haar broeder, of zij dat gezang nog hoorde, waarop zij zeide; ja het heeft nog niet opgehouden den daaropvolgenden nacht stierf zij.

Geliefde vriendin! ik kan u toch niet zeggen, hoe ik gesteld wa=, toen haar broeder mij dit verhaalde; maar tevens werd mijne ziel geestelijk jaloersch, om zoo met haar mede te reizen. O had zij ook gezegd, daar zal ik huppelen van vreugde en mijn zwak ziekelijk ligchaam afleggen. Op hare begrafenis hebben zij gezongen Psalin 68: 2: Maar 't vrome volk in U verheugd, Zal huppelen van zielevreugd, enz. Welk een krachtdadig bewijs van 's Heeren onveranderlijke beloften, dat Hij niet laat varen de werken Zijner handen. Welk eene troost en bemoediging voor alle ware hielbegeerige zielen, gij moogt dan veel aangevallen worden, en uw werk onder veel strijd liggen ja al loopt ook uw pad door de zee, geene golven zullen u overstroomen. Ik denk dat gij op uw ziekbed daarvan ook wel eenig bewijs zult ondervonden hebben; de Heere heeft aan u ook Zijne belofte vervuld: „Ik zal ze ondersteunen op