Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Den Lezeii Heil!

Nu ik mij nederzet, om, ingevolge het verlangen van velen, eenige mededeelingen te doen uit het leven mijner dierbare moeder, gevoel ik mij tot een zwaar werk geroepen. vDe werken des Heeren zijn groot", zegt de Dichter: Ps. 111 : 2. W at is er dan niet noodig oin van Gods werken te spreken !

Met wat heilig ontzag behoorde men niet aangedaan te zijn, oui den raad Gods niet te verduisteren met woorden zonder wetenschap, ol /jijn heilig werk met onze onreine handen te bevlekken P

Doch al zijn wij onbekwaam tot het goede, al gevoel ook ik mij niet in staat om naar de reinheid van het Heiligdom de heilige dingen te behandelen , de Heere, die goed is, doe verzoening over het gebrekkige. Hij sterke mijn geheugen, en geve mij aan dit geslacht te verkondigen Zijnen arm , allen nakomelingen Zijne macht.

O, Heere! Gij God, mijner ouders en voorouders, ; die barmhartigheid doet aan duizenden dergenen die |U liefhebben, en die Uwe geboden onderhouden; (betoon U ook de getrouwe, de onveranderlijke God jdes Verbonds tot in de late nageslachten en laat (Uwe hulp mij niet ontbreken, om iets te verhalen fvan het werk der genade aan mijne lieve moeder geopenbaard. Stel de vermelding Uwer groote en heilriike daden voor velen ten zegen; dat den over-

rfonnonnioffi 11t-*. v r, iu~.uturn y» v^i. jiivwi-v ~ —

Sluiten