Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

loopen; want hij vergelijkt hier de loopers niet bij dezulken, die stil zitten; neen, maar met diegenen, die loopen, van welke eenigen winnen en anderen verliezen; en die loopen en winnen, zijn weinig in vergelijking van die loopen en verliezen; zoodat, ofschoon er zoo vele koninginnen, bijwijven en maagden zonder getal zijn, nochtans, die zalig worden, zyn weinig.

4. Worden zy ook bij de nalezingen van den wijngaard, wanneer de oogst ingezameld is, vergeleken; ai mij! zegt de propheet, Micha 7: 1. Wat is de nalezing bij den geheelen oogst, en nochtans wordt dit op de geloovigen toegepast. Het is de Satan en de zonde, die met de wagenvracht doorgaan; terwijl Christus en zijne dienaren komen om de nalezing; doch zijn niet Ephraïms nalezingen beter dan de wijnoogst van Abiëzer? Richt. 8: 2, die, welke Christus en zijne dienaren nalezen en opbinden in den bundel der levenden, zijn beter dan de volle vrachten, die den anderen weg voeren. Gry weet dat menigmaal het geroep is van de armen in den oogst: sobere, sobere nalezing! zoo roepen ook de dienaars van het Evangelie: Heere! wie heeft onzen prediking geloofd ? Aan wien is de arm des Heeren geopenbaard ? Jes. 53: 1. Zoodat, wanneer de propheet deze leenspreuk der nalezing gebruikt, wat licht daar niet al in opgesloten ? eene geringe nalezing, gelijk in de afschudding eens olijfbooms twee of drie beziën den top des oppersten twijgs, en vier of vijf aan zijne vruchtbare takken zijn, zegt de Heere, Jes. 17: 6. Dus ziet gij wat er overblijft tot eene nalezing in den wijngaard, na

Sluiten