Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

8

3. Roept uit en smeekt om den geest des onderscheids, opdat gij moogt weten, welke de waarlijk zaligmakende genade zij.

4. Boven alle overdenkingen zoo stelt uzelven tot het bedenken van zulke dingen, die u mogen toonen het kwaad der zonde, de kortheid en onzekerheid van 's menschen leven, en welke de weg is om behouden te worden.

5. Verkeert veel met de allergodvruchtigsten onder de belijders.

6. Als gij hoort, welke de natuur is van de ware genade, zoo stelt niet uit om uw eigen hart te vragen, of die genade ook bij u is, en draag hier zorg:

1. Dat die leeraar, namelijk uw hart u niet bedriege.

2. Dat gij geene schijngenade voor ware neemt, noch schijn vruchten voor wezenlijke.

3. Draag vooral zorg, dat niet eenige zonde tegelijk met uw leven zonder berouw en bekeering afloopt. Eenige bekende zonden aan de hand gehouden, zouden de blijken, die gij anders in u zoudt kunnen ontdekken, verduisteren, uwe conscientie kwetsen en uwen vrede verstoren; en honderd tegen een zoo niet ten laatste al de genade, die gij nog mocht bezitten, in eenen duisteren hoek van uw hart verholen zal blijven, in zoo verre, dat gij in eenigen tijd uzelven niet weder in staat zoudt vinden, om dezelve bij al de fakkelen, die in het Evangelium brandende zijn, tot uwen eigenen troost en blijdschap, te kunnen ontdekken.

Sluiten