Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ten onzent bestaat eene dissertatie van F. F. D. B a e r t, Adam Smith en zijn onderzoek naar den rijkkom der volken, Leiden, 1858, die echter omtrent de meest betwiste punten geene opheldering geeft. Rijk aan levensbijzonderheden is het uitvoerig werk van John Rae, Life of Adam Smith, Londen 1895. Vanbeteekenis is ook Del at ou r, Adam Smith sa vie, ses travaux et ses doctrines, Parijs, 1886. Van de nieuwste geschriften vermelden wij: H i r s t, Adam Smith, Londen, 1904; Karl Jentsch, Adam Smith, Berlijn, 1905; Small, Adam Smith and modern sociology, Chicago, Londen, 1907.

De resultaten van vele onderzoekingen uit den laatsten tijd zijn gelukkig verwerkt in het geschiedboek van Hector Denis, Histoire des systèmes économiques et socialistes, deel I, 1904, blz. 202 en vlgg.

ie) Adam Smith und der Eigennutz, Tübingen, 1889.

i') In belangrijke artikelen over Das Adam Smithproblem in het Zeitschrift für Socialwissenschaft, le jaarg., 1998, blz. 276 en vlgg.

18) In zijn Adam Smith als Moralphilosoph und Schöpfer der Nationalökonomie, Berlijn, 1878. De verdeeling van dit boek is op S m i t h's reis gebouwd. In het 4e hoofdstuk behandelt de eerste afdeeling Smith vor seiner Reise nach Frankreich (blz. 102—171) en de tweede Smith nach seiner Reise nach Frankreich (blz. 172—457).

De redeneering die men bij zoovelen aantreft komt hierop neer: Toen Smith in 1759 uitgaf zijn Theory of moral sentiments (waarvan in 1892 te Londen eene goede uitgave met breede inleiding van Dugald Stewart verscheen) veroordeelde hij nog beslist het standpunt dat alle gevoelens en neigingen uit het eigenbelang mogen worden afgeleid. In 1764 naar Parijs vertrokken werd hij daar in den kring der Encyclopaedisten tot het materialisme gebracht. Sinds dien in zijn vaderland teruggekeerd werkte hij 10 jaar aan zijn standaardwerk De Rijkdom der Volken, dat lijnrecht ingaat tegen zijn eerste werk en de Theory of moral sentiments verloochent.

Tegen deze voorstelling pleiten vele argumenten: le In de geschriften der Encyclopaedisten van dien en lateren tijd wordt over deze gebeurtenis, die sommige hunner toch uitermate had moeten verheugen, geen woord gerept; 2e de catalogus van Smith' bibliotheek, door James Bonar onder den titel A cataloge of the Library of Adam Smith (Londen, 1894) uitgegeven, vermeldt bitter weinig geschriften uit der Encyclopaedisten kring; 3e direct na zijn

Sluiten