Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Amiable schrijft: »une jeune fille, n'ayant pas eu de fréquentations suspectes, s'est livrée a un homme qui lui a promis le mariage; si 1'origine de la grossesse coïncide manifestement avec la séduction, la paternité du séducteur ne rencontre pas d'incrédule. En présence de tels faits, la conviction se produit dans les esprits avec non moins de force que lorsqu'il s'agit de la paternité d'un mari dont la femme est a 1'abri du soupeon". (1)

Onder de gevallen, waarin onderzoek naar het vaderschap van meer dan éénen kant gewenscht wordt, behoort ook dat van een feitelijk samenwonen van de moeder met dengenen, die beweerd wordt de vader te zijn, gedurende den tijd, waarin de aanvang der zwangerschap gesteld moet worden, gelijk zulks ook in Baden en het Zwitsersche kanton Wallis rechtens is.

Hierboven, bl. 116, wezen wij er op, dat men geen recht heeft het vermoeden, dat ten gunste van de getrouwde vrouw bestaat, op gelijke wijze ten aanzien der ongehuwde moeder over te brengen; zelfs niet, wanneer er eene meer duurzame betrekking tusschen haar en een bepaald manspersoon bestaan heeft. Niet alleen dat de ongehuwde vrouw geene vervolging van overspel te duchten heeft, maar bovendien kan het concubinaat moeielijk den zedelijken eisch van trouw stellen, en verdient ook eene vrouw, die in zoodanige verhouding leeft, reeds daardoor minder vertrouwen.

Vandaar dan ook, dat men het kind in dergelijken toestand geboren, niet op ééne lijn mag stellen met het kind eener gehuwde moeder. Maar zal men aan den anderen kant kunnen ontkennen, dat er toch in zoodanige betrekking eenig gegrond vermoeden is om aan te nemen, dat degene, met wien de moeder leefde, ook metterdaad het kind verwekt heeft? Het zij zoo, dus wordt misschien geantwoord, echter (1) T. a. p., bl. 86.

Sluiten