Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gelegd worden. Voor dit vroegtijdig herkennen is niet slechts noodig een algemeene kennis van het kind, maar is ook noodig een meer speciale bestudeering van de afwijkingen, die het kinderleven kan vertoonen. Ook een nauw contact met het individueele kind is hier noodig. Dit contact is ook mogelijk bij vrij groote groepen van kinderen.

e. In het algemeen zullen de afwijkingen, die geconstateerd worden, liggen öf op het terrein van het intellectueele leven öf op het terrein van het gemoeds- en wilsleven van het kind. Soms ook bestaat er een nauw verband tusschen de afwijkingen op dit tweeërlei terrein. In den regel toch vertoonen domme en debiele kinderen mede onder invloed van de wijze, waarop hun milieu reageert op hun afwijkingen, zekere typische stoornissen ook op ander terrein van het psychische.

f. De analyse van de fouten, die het kind maakt, is een van de meest aangewezen en voor de hand liggende middelen, waardoor de school in staat is, afwijkingen te herkennen naar haar aard. Speciaal dient hier ook gelet te worden op de stoornis, die motorische afwijkingen in het psychische leven van het kind te voorschijn kunnen roepen.

g. De vraag, in hoeverre de school door verstandige behandeling afwijkingen corrigeeren kan, is in de eerste plaats een vraag naar de grenzen van de taak van de school. De correctie van de school blijve steeds een paedagogische. Hoewel de grenzen tusschen de psychologisch-specialistische of medisch-specialistische behandeling eenerzijds en de paedagogische behandeling anderzijds niet altijd scherp zijn aan te geven, kan als algemeene regel gesteld worden, dat de taak van de school ophoudt op het punt, waar normale paedagogische middelen falen. De grens van de normale paedagogische middelen ligt o.i. daar, waar men ophoudt middelen te gebruiken, welke een algemeen paedagogisch karakter hebben, doordien zij verder gaan dan de leiding, die ook door verstandige en ontwikkelde ouders aan hun kinderen zou kunnen worden gegeven.

h. In het algemeen kan gezegd worden, dat de grens tusschen door de school corrigeerbare afwijkingen en de afwijkingen, welke niet door de school te corrigeeren zijn, op tweeërlei wijze kan worden geconstrueerd. Eenerzijds is hier maatgevend de vraag, waar de grens van de roeping der school ligt. Anderzijds de vraag, waar de grens ligt voor de middelen, waarover de school beschikt.

Sluiten