Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

PROF. DR IR H. VAN RIESSEN

HOOGLERAAR AAN DE TECHNISCHE HOGESCHOOL TE DELFT

WAAR GAAT HET EIGENLIJK OM ?

MEN overwege de gelukkige omstandigheid, dat nauwelijks een lezer van mij verwacht, interessante zaken over de industrialisatie te vernemen, noch schokkende mededelingen over de toekomstplannen daarvan. Noch zal iemand hopen de contouren van een nieuwe industrie uit mijn betoog te zien oprijzen. Daar ik zulks van mijzelf ook niet verwacht, zijn wij het althans over één punt roerend eens.

Maar daarom dien ik eerst te vertellen, waarmee ik mij dan wel zal bezighouden. Indien men de problematiek van de industrialisatie als een afgerond en goed samenhangend gebied beschouwt, dan zijn het de randproblemen van dat gebied, die onze aandacht zullen vragen.

Randproblemen zijn niet onbelangrijk. Ieder die ze in de wiskunde ontmoet heeft, weet, dat men ze niet kan verwaarlozen, en hij weet ook, dat zij dikwijls zeer moeilijk op te lossen zijn.

Van welke aard zijn hier die randproblemen?

Ik zou willen zeggen, het gaat daarin om de cultuurperspectieven van de industrialisatie; en om die criteria, die gelding hebben in het mensenleven en die ook behoren te gelden op het terrein van de industrialisatie. Zo bezien komen wij al wat dichter bij het onderwerp dat besproken zal worden. Want die cultuurperspectieven vormen in feite de invloed, die van het afgeronde gebied der industrialisatie op de omgeving uitgeoefend worden. En omgekeerd maken genoemde criteria de invloed uit, die van buiten af op het terrein van de industrialisatie tot gelding behoren te komen.

Anders gezegd, wij doorbreken zodoende de louter economische doeleinden van de industrialisatie, en wij verdiepen de louter economische criteria.

Ik heb de indruk, dat men deze randproblemen soms negeert, soms stelt,

Sluiten