is toegevoegd aan uw favorieten.

Serta romana

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

placatumque nitet diffuso lumine caelum.

10 nam simul ac species patefactast vernadiei et reserata viget genitabilis aura Favoni, aeriae primum volucres te, diva, tuumque significant initum perculsae corda tua vi. inde ferae pecudes persultant pabula laeta.

15 et rapidos tranant amnis: ita capta lepore

te sequitur cupide quo quamque inducere pergis. denique per maria ac montis fluviosque rapacis frondiferasque domos avium camposque virentis omnibus incutiens blandum per pectora amorem 20 efficis ut cupide generatim saecla propagent. quae quoniam rerum naturam sola gubernas, nee sine te quicquam dias in luminis oras exoritur neque fit laetum neque amabile quicquam, te sociam studeo scribendis versibus esse,

25 quos ego de rerum natura pangere conor

Memmiadae nostro, quem tu, dea, tempore in omm

brenaend — 9. placatum daar na den winter fugiunt venti et nubila

caeli IÓ. species verna diei: dies staat hier voor tijd.intalgemeen,

't lenteschoon van den tijd, de schoone lentetijd. — II. genitabilis act.— is qui gignit zóó dikwijls bij dichters penetrabilis, impenetrabilis enzv , in proza exitiabilis, pemiciabilis enzv. De Favonius is de Grieksche zephvros, de westenwind. Voor de bewoners van Italië was hij de lentewind, die zacht weder aanbracht: „solvitur .. hiems grata vice veris et Favoni. Hor. Carm. 1. 4. Hier is natuurlijk geen tegenspraak met vs. 6: te fugiunt venti, waar de winterstormen bedoeld worden. — 14. ferae pecudes persultant, t vee dat anders tam is (pecudes) spingt nu (in den bronsttijd) wild door de weide. - 16. Neem uit quamque den nominat. quaeque als subiect bij sequitui . ï capta lepore (tuo) quaeque te sequitur quo (eam) inducere pergis: dit laatste werkwoord heeft, hier de kracht van een adverbium —20. saecla, Lucr. gebruikt altijd dezen vorm, nooit saecula. — 22. dias in tu minis oras, in de schitterende oorden des lichts; dius van den wortel div schitteren, lichten, vgl. divus, interdiu, nudius; ora, zoom, grenslinie kuststreek, landstreek. Lucr. ontleende de uitdrukking luminis oraë aan Ennius (Ann. 118, 144). - 25. de rerum natura wvoecog-, dezen titel droeg een werk van Lpicurus, dien Lucretius navolg ^ fragmenten van dit werk zijn in Herculaneum gevonden. — 2b. miadae nostro, voor uw en mijn vriend Memmius. De Memmn schijne Venus als hun stammoeder vereerd te hebben. Deze Memmius (Gaiu Memmius Gemellus), aan wien Lucr. zijn werk opdraagt was volksti i^ buun 688/66, praetor 696/58, als propraetor vertrok hij naar Bithyma m 't volgend iaar. In den eersten burgeroorlog stond hij aan de zijde \an Pompeius, later hield hij het met Caesar. In 54 dong hij vruchteloos naar het consulaat; wegens ambitus aangeklaagd en veroordeeld be af hij zich naar Athene in ballingschap. Hij behoorde ook van Cicero en Catullus en was zelf uitstekend bekend met de Gneksche