is toegevoegd aan uw favorieten.

Serta romana

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

perfacile angustis tolerarit finibus aevom, cum minor esset agri multo modus ante viritim: nee tenet omnia paulatim tabescere et ire ad capulum, sjiatio aetatis defessa vetusto.

I.OF VAN EPICURUS.

De kennis van het wezen der ziel is noodig om de vrees voor den dood, die zoovelen ongelukkig maakt en zooveel onheil sticht, te verbannen.

III. Ys. 1—93.

E tenebris tantis tam clarum extollere lumen qui primus potuisti inlustrans eommoda vitae, te sequor, o Graiae gentis decus, inque tuis nuno fleta pedum pono pressis vestigia signis,

5 non ita certandi cupidus quam propter amorem quod te imitari aveo: quid enim contendat hirundo eyenis, aut quidnam tremulis facere artubus haedi consimile in eursu possint et fortis equi vis? tu, pater, es rerum inventor, tu patria nobis 10 suppeditas praecepta, tuisque ex, inclute, chartis, floriferis ut apes in saltibus omnia libant, omnia nos itidem depascimur aurea dicta, aurea, perpetua semper dignissima vita. nam simul ac ratio tua coepit vociferari

en heeft er altijd den mond vol van, hoe (ut).. 1172. cum minor enz.: bij kleineren omvang bracht de grond evenveel oi meer nog op en dus was er niet zooveel slavens en zwoegens noodig. 1173. ire ad capulum = ire ad interitum, interire. — Capulus (van capio) is een oud woord voor lijkbaar, doodkist. . . „ Q

3 decus en 15 divina vgl. de aanteekemng op III, 1042 en V, 8. Epicurus was afkomstig uit den Attischen demus Gargettus, maar waarschijnlijk op Samos geboren, waar zijn vader heen getrokken was Hij leefde van 341—270 v. Chr. In 306 stichtte hij eene school m Athene. Van ziine geschriften zijn ons drie brieven bewaard en eemge fragmen-

+en 4, ficta (van figo) oudere vorm voor fixa; zoo bij Varro: tabulae

fictae voor fixae. — signis, vgl. Ovid. Metam. 4, 543: Sidomae comités .. secutae signa pedum. Dus: „en ik zet nu mijne treden vast in het door U gedrukte spoor" (vgl. Psalm 17:3 „Ik zet mijn treden in uw spoor).8 fortis equi vis, vgl. 1, 271. — 9. rerum, van de zaken, namelijk die ik hier behandel. — 14. ratio tua, divina men te coorta uwe wijsbegeerte, uit uwen goddelijken geest opgekomen. vociferari,