Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

non agnamve sinu pigeat fetumve capellae

desertum oblita matre referre domum. at vos exiguo pecori, furesque lupique,

parcite: de magno est praeda petenda grege: 35 hic ego pastoremque meum lustrare quotannis et plaoidam soleo spargere lacte Palem;

7 ipse seram teneras maturo tempore vites rusticus et facili grandia poma manu. nee Spes destituat, sed frugum semper acervos 10 praebeat et pleno pinguia mu.sta lacu.

nam veneror, seu stipes habet desertus in agris

seu vetus in trivio florida serta lapis: et quodcumque mihi pomum novus educat annus, libatum agrieolam ponitur ante deum.

15 flava Ceres, tibi fit nostro de rure corona spicea, quae templi pendeat ante fores; pomosisque ruber custos ponatur in hortis,

terreat ut saeva falce Priapus aves. vos quoque, felicis quondam nunc pauperis agri 20 custodes, f'ertis munera vestra, Lares.

tune vitula innumeros lustrabat caesa iuvencos:

nunc agna exigui est hostia parva soli. agna cadit vobis, quam circum rustiea pubes 24 clamet „io messes et bona vina date". 37 adsitis, divi, neu vos e paupere mensa

eene toespeling op de roofzuchtige Veteranen? — 35. pastoi em lustrare: jaarlijks moesten de herders bij het feest van Pales (zie ob) zich reinigen van de schuld, die er misschien op hen rustte, omdat zij hun vee op heilige plaatsen hadden laten weiden of aan nymphen gewijde bronnen hadden bezoedeld. Deze lustratio bestond daarin, dat men de herders over vuren van boonenstroo liet springen. 36. Palem, Pales, eene oude godin der Romeinen, de beschermster der kudden en herders: een feest (Parilia of Palilia) ter harer eere werd gevierd op den '21sten April, te gelijk met het feest van de stichting der stad, vgl. Ovid. Fast. [V 721—862; het beeld der godin werd op dit feest met lauwe melk besprengd. — II. stipes .. lapis, houten of steenen beelden der landu-oden, meestal ruw bewerkt, werden op 't veld of aan den weg opgericht: Ovid. Fast. II, 64t: Termine, sive lapis, sive es defossus in agro stipes. — 14. deum, Silvanus, de beschermer der boomvruchten. — 17. ruber custos . . Priapus: Priapus, de zoon van Dionysos en Aphrodite, was de god der vruchtbaarheid, de beschermer van de kudden, van de tuinen en wijngaarden, waarin gewoonlijk ook zijn beeld geplaatst werd, dikwijls met menie rood geverfd. — 19. Zie aant. op vs. 5. 20. munera .. Lares: aan de Lares agrestes of rustici bracht men op het feest der Ambarvalia (zie II, 1) verschillende olfers: de eerstelingen der tuinvruchten, honing, een kalf, een lam, een varken enz., naarmate men met vijkdom gezegend was: daarom offerde Tib. vroeger eene vitula, nu

Sluiten