Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verbinding, en dat nog meer uiterlijk dan innerlijk, tot voorwerp van het onderzoek te maken.

Eerst in het laatste tweetal eeuwen heeft de vergelijkende taalwetenschap meer de gesproken taal onderzocht: zij gaf inzicht in het wezen van verbuiging en vervoeging, verbeterde en verrijkte de klankleer, leidde tot het nagaan van de ontwikkeling en den overgang der beteekenissen van de woorden en eindelijk ook tot eene vergelijking van de syntaxis der verschillende talen; zij kwam daardoor tot een dieper inzicht in de logische functies der taal in 't algemeen. Toen aldus het arbeidsveld der taalwetenschap ontzaglijk was uitgebreid, kwam men op een grensgebied, waartoe de beoefenaars van andere wetenschappen van hunnen kant ook reeds waren genaderd: de physiologie en de psychologie der taal. In de laatste jaren is dit gemeenschappelijke terrein zoowel door mannen der taalwetenschap als door beoefenaars der natuurwetenschappen en der psychologie met grooten ijver en niet zonder rijke vrucht bewerkt. Het zijn sedert het begin dezer eeuw vooral de studiën van Wundt, een physioloog en psycholoog, die uit het oogpunt der volkeren-psychologie zich op het onderzoek van spraak en taal met bewondering wekkenden ijver en talent heeft toegelegd, welke tot eene levendige discussie ook onder philologen en linguisten aanleiding hebben gegeven *).

Het resultaat van deze ontwikkeling der taalstudie is onmiskenbaar en verblijdend. Het spreekt van zelf dat er nog belang-

*) Wilhelm Wundt. Völkerpsychologie. Erster Band; zwei Theile (met register). Leipzig, Engelmann, 1900. Tweede druk 1904.

Van de zijde der taalwetenschap maakte tegen dit werk bedenking: Delbrück, in zijn boek: G rundfragen der Spracihforschung. Straatsburg, Trübner 1901.

Nog in hetzelfde jaar antwoordde Wundt in zijn boek: Sprachgeschichte uad Sprachpsychologie. Leipzig, Engelmann, 1901.

Vergelijk verder: K. Bruohmann in de Berliner Philologische Wochenschrift 1902, no. 3, 4 en 5.

L, Sütterlin. Das Wesen der spraahlichen Gebilde. Heidelberg, Winter 1902.

J. van Ginneken. Principes de linguistique psyohologique. Paris, Rivière, 1907.

Dit werk heb ik eerst kunnen raadplegen, nadat ik mijne rede reeds geschreven had.

Gh. Albert Sechehaye1. Programme et méthodes de la linguistique théorique. Psychologie du langage. Paris, Chanvpio», 1908.

Sluiten