Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den toestond 1) Ondertusschen beurde de Geloofshervorming in Gelderland, het hoofd om hoog. Graaf Jan van Nassau, tot hunnen Stadhouder verzogt en aangenoomen zynde, hadt het eeuwig Edift mede bezwooren, en kon dus geen verandering in de Godsdienst maken. Hierom sloeg hij eenen anderen weg in. Hy voegde by ieder Vaandel Krygsvolk een Predikant, tot welker gehoor ook de Burgers werden toegelaten, waar door een groote meenigte tot kennis des Evangeliums kwam 2). Ook drong hy sterk by de Staten, tot het aanneemen van de Geloofsvreede, houdende onder anderen, «dat de Wethouders aan de wederzeidsche gezindheden , bekwame plaatsen zouden aanwijzen, om den Gods«dienst opentlijk te oeffenen 3).» Doch als de Staten van Gelderland plat uit weigerden, hier in te bewilligen, wierden de Hervormden , welkers smeekschriften men agter den bank wierp zo heet, dat zy ondersteunt van een goed deèl Krygskiiegten, zig meester maakten van alle de voornaamste Kerken des Lands 4). Te Goes in Zeeland, kregen de Hervormden niet minder hun genoegen, en werdt hen van de de Wethouderschap de Groote Kerk toegestaan 5)

Na den dood van Don Jan van Oostenryk, werdt Alexander Farneze, Prinse van Parma, de Landvoogdy over de Nederlanden aanbetrouwt 6).

Met den aanvang van zyn Regeering zogt hy de Spaansche zaaken, die ten tyde van Don Jan merkelyk verlopen waaren, wederom te herstellen. Dit gelukte hem spoediger dan men gedagt hadt. Hy was een kloek en voorzigtig Krygs-Overste, door wiens beleid de Nederlanden veel afbreuks leeden, en stierf den dertiendenden van Wintermaand des Jaars 1592, dragende allen roem van dapperheid, en krygskunde, die

1) Bor, XII. Boek, hl. 996. [68].

2) Bor, XII. Boek, bl. 995. [57].

3) Meteren, VIII. Boek, bl. 154. Verf.

4) Reid, bl. 17, 18. Bor, XII. Boek, bl. 995. [57].

5) Hooft, XIV. Boek, bl. 588, 589.

6) Hooft, XIV. Boek, bl. 604.

Sluiten