Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

V R A G E.

Hoe bewyst gy de leer der H. DRIE-EENHEID?

Antw. Niet uit de reden, noch door het Ligt der natuur; dewyl dit een Verborgentheid is, welk een Goddelijke openbaringe veronderstelt, Matth. 11 : 27. Niemand kent de Zone dan den Vader, nogte niemand kent de Vader dan de Zone, ende dien het de Zone wil openbaaren. Cap. lö : 17, 18. Simon Petrus antwoorde ende zeide, gy zyt de Christus, de Zone des leevendigen Gods. Ende Jesus antwoordende zeide tot hem; Zalig zyt gy Simon Bar Jona: Want vleesch en bloed heeft u dat niet geopenbaard; maar mynen Vader die in de Hemelen is.

Vrag. Waar uit dan?

Antw. Uit het geopenbaarde woord van God; welk ons leert 't geen voor de reden en het vleesch onmogelijk is, als in de verklaring van deezen Artikel nader blvken zal.

.-. Vrag. In hoe veel deelen word deezen Artikel gevoeglijk verdeelt ?

Antw. Hoofdzakelijk in drie deelen.

I. Het eerste behelst een voorstel van de maniere, op welke wy deeze verborgentheid kennen, en bewyzen. Dit alles weeten wy, soo uit de getuigenissen der Heilige Schriftuure, als ook uit hare werkingen, voornamentlyk uit de gene die wy in ons gevoelen.

II. Het tweede vervat een verklaring van dit voorstel: waar in zig opdoen,

A. Deels een Register van bewyzen, die nader verklaart en aangedrongen worden; zo

a. Uit het Oude Testament. De getuigenissen der Heilige Schriftuuren, die ons leeren deeze H. DRIE-VULD1GHEID te geloven, zyn in veele plaatsen des O. Testaments beschreeven: welke niet van noden zyn te tellen , maar alleen met onderscheid of oordeel uit te kiezen. In Gen. 1 : 26, 27. zegt God: laat ons den mensche maken

Sluiten